Burgerlijk Wetboek Boek 4

Inhoud
Boek 4 Erfrecht
Titel 1 Algemene bepalingen
Titel 2 Erfopvolging bij versterf
Titel 3 Het erfrecht bij versterf van de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot en van de kinderen alsmede andere wettelijke rechten
Titel 4 Uiterste willen
Titel 5 Onderscheiden soorten van uiterste wilsbeschikkingen
Titel 6 Gevolgen van de erfopvolging

Artikel 10

HISTORISCH
  1. De wet roept tot een nalatenschap als erfgenamen uit eigen hoofde achtereenvolgens:

    1. de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot van de erflater tezamen met diens kinderen;

    2. de ouders van de erflater tezamen met diens broers en zusters;

    3. de grootouders van de erflater;

    4. de overgrootouders van de erflater.

  2. De afstammelingen van een kind, broer, zuster, grootouder of overgrootouder worden bij plaatsvervulling geroepen.

  3. Alleen zij die tot de erflater in familierechtelijke betrekking stonden, worden tot de in de vorige leden genoemde bloedverwanten gerekend.

01-07-2025 Huidig 01-05-2023 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. De wet roept tot een nalatenschap als erfgenamen uit eigen hoofde achtereenvolgens:

    1. de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot van de erflater tezamen met diens kinderen;

    2. de ouders van de erflater tezamen met diens broers en zusters;

    3. de grootouders van de erflater;

    4. de overgrootouders van de erflater.

  2. De afstammelingen van een kind, broer, zuster, grootouder of overgrootouder worden bij plaatsvervulling geroepen.

  3. Alleen zij die tot de erflater in familierechtelijke betrekking stonden, worden tot de in de vorige leden genoemde bloedverwanten gerekend.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Burgerlijk Wetboek Boek 4