Wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen zes maanden na het verdwijnen van een zodanige grond, loopt de termijn voort totdat zes maanden na het verdwijnen van die grond zijn verstreken.
Inhoud
Artikel 320 Burgerlijk Wetboek Boek 3 – Wettekst
Actueel
Officiële wettekst huidige versie
Je bekijkt de officiële wettekst die vandaag geldig is, sinds 01-07-2025.
Historische versies
01-07-2025
Huidig
08-11-2024
Historisch
01-05-2024
Historisch
25-06-2023
Historisch
04-11-2022
Historisch
01-07-2021
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
Wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen zes maanden na het verdwijnen van een zodanige grond, loopt de termijn voort totdat zes maanden na het verdwijnen van die grond zijn verstreken.
3 verwijzing(en)
Hoge Raad
|
30-06-2017
|
02-06-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
04-05-2012
|
15-12-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
02-12-2011
|
21-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.