-
Een rechtsvordering tot opeising van een roerende zaak die krachtens de nationale wetgeving van een lid-staat van de Europese Unie of van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte een cultuurgoed is in de zin van artikel 2, onder 1, van de richtlijn, bedoeld in artikel 86a, en waarvan die staat teruggave vordert op de grond dat zij op onrechtmatige wijze buiten zijn grondgebied is gebracht, verjaart door verloop van drie jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de plaats waar de zaak zich bevindt en de identiteit van de bezitter of de houder aan de centrale autoriteit van die staat als bedoeld in artikel 4 van de richtlijn zijn bekend geworden, en in elk geval door verloop van dertig jaren na de aanvang van de dag volgende op die waarop de zaak buiten het grondgebied van die staat is gebracht.
-
De laatste termijn bedraagt vijfenzeventig jaren in het geval van zaken die deel uitmaken van openbare collecties in de zin van artikel 2, onder 8, van de richtlijn en van kerkelijke goederen als bedoeld in de richtlijn in de lid-staten van de Europese Unie of in de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, waar deze zijn onderworpen aan speciale beschermende maatregelen krachtens nationaal recht.
Inhoud
Boek 3 Vermogensrecht in het algemeen
Titel 1 Algemene bepalingen
Afdeling 1 Begripsbepalingen
Afdeling 1A Elektronisch vermogensrechtelijk rechtsverkeer
Afdeling 1B Het voeren van een administratie
Afdeling 2 Inschrijvingen betreffende registergoederen
Titel 2 Rechtshandelingen
- Artikel 32
- Artikel 33
- Artikel 34
- Artikel 35
- Artikel 36
- Artikel 37
- Artikel 38
- Artikel 39
- Artikel 40
- Artikel 41
- Artikel 42
- Artikel 43
- Artikel 44
- Artikel 45
- Artikel 46
- Artikel 47
- Artikel 48
- Artikel 49
- Artikel 50
- Artikel 51
- Artikel 52
- Artikel 53
- Artikel 54
- Artikel 55
- Artikel 56
- Artikel 57
- Artikel 58
- Artikel 59
Titel 3 Volmacht
Titel 4 Verkrijging en verlies van goederen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
Afdeling 2 Overdracht van goederen en afstand van beperkte rechten
Afdeling 3 Verkrijging en verlies door verjaring
Titel 5 Bezit en houderschap
Titel 6 Bewind
Titel 7 Gemeenschap
Afdeling 1 Algemene bepalingen
Afdeling 2 Enige bijzondere gemeenschappen
Afdeling 3 Nietige en vernietigbare verdelingen
Titel 8 Vruchtgebruik
Titel 9 Rechten van pand en hypotheek
Titel 10 Verhaalsrecht op goederen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
Afdeling 2 Bevoorrechte vorderingen op bepaalde goederen
Afdeling 3 Bevoorrechte vorderingen op alle goederen
Afdeling 4 Retentierecht
Titel 11 Rechtsvorderingen
- Artikel 296
- Artikel 297
- Artikel 298
- Artikel 299
- Artikel 300
- Artikel 301
- Artikel 302
- Artikel 303
- Artikel 304
- Artikel 305
- Artikel 305a
- Artikel 305b
- Artikel 305c
- Artikel 305ca
- Artikel 305d
- Artikel 305e
- Artikel 306
- Artikel 307
- Artikel 308
- Artikel 309
- Artikel 310
- Artikel 310a
- Artikel 310b
- Artikel 310c
- Artikel 310d
- Artikel 311
- Artikel 312
- Artikel 313
- Artikel 314
- Artikel 315
- Artikel 316
- Artikel 317
- Artikel 318
- Artikel 319
- Artikel 320
- Artikel 321
- Artikel 322
- Artikel 323
- Artikel 324
- Artikel 325
- Artikel 326
Artikel 310a
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.