De voorzieningen, bedoeld in het vorige artikel, zijn:

  1. schorsing of vernietiging van een besluit van de bestuurders, van commissarissen, van de algemene vergadering of van enig ander orgaan van de rechtspersoon;

  2. schorsing of ontslag van een of meer bestuurders of commissarissen;

  3. tijdelijke aanstelling van een of meer bestuurders of commissarissen;

  4. tijdelijke afwijking van de door de ondernemingskamer aangegeven bepalingen van de statuten;

  5. tijdelijke overdracht van aandelen ten titel van beheer;

  6. ontbinding van de rechtspersoon.