-
Aan de aspirant die is aangesteld op grond van artikel 3, eerste lid, en in het eerste leerjaar een negatief studieadvies ontvangt, wordt eervol ontslag verleend met ingang van de dag volgende op de dag waarop de aanstelling in tijdelijke dienst op grond van artikel 3, eerste lid, is verstreken.
-
Aan de ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie of de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie, die tegen het einde van de proeftijd, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, niet voldoet aan de eisen van bekwaamheid of geschiktheid, wordt eervol ontslag verleend met ingang van de dag, volgend op die waarop de proeftijd is verstreken.
-
Aan de ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak of de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, met een proeftijd als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, die tegen het einde van de proeftijd niet voldoet aan de eisen van bekwaamheid of geschiktheid, wordt eervol ontslag verleend met ingang van de dag, volgend op die waarop de proeftijd is verstreken.
-
Eervol ontslag kan worden verleend bij gebleken niet geschiktheid die voor de dienst wordt vereist aan:
de aspirant, gedurende een krachtens artikel 2c, eerste lid, aangewezen politieopleiding;
de ambtenaar in opleiding, gedurende een krachtens artikel 2c, tweede lid, aangewezen politieopleiding;
de ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, gedurende de proeftijd, bedoeld in artikel 3a, tweede lid;
de ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve of andere taken ten dienste van de politie, gedurende de proeftijd, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a;
de vrijwilliger-aspirant, gedurende een krachtens artikel 2c, eerste lid, aangewezen politieopleiding;
de vrijwillige ambtenaar in opleiding, gedurende een krachtens artikel 2c, tweede lid, aangewezen politieopleiding;
de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, gedurende de proeftijd, bedoeld in artikel 3a, tweede lid;
de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de technische, administratieve of andere taken ten dienste van de politie, gedurende de proeftijd, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a.
-
Bij het ontslag, bedoeld in het vierde lid, wordt een opzeggingstermijn in acht genomen van:
drie maanden, indien de ambtenaar ten tijde van de opzegging direct daaraan voorafgaand ten minste twaalf maanden ononderbroken in dienst is geweest;
twee maanden, indien de ambtenaar ten tijde van de opzegging direct daaraan voorafgaand ten minste zes maanden maar korter dan twaalf maanden ononderbroken in dienst is geweest, of
één maand, indien de ambtenaar ten tijde van de opzegging direct daaraan voorafgaand korter dan zes maanden ononderbroken in dienst is geweest.
-
Het ontslag kan, al dan niet op aanvraag van de ambtenaar, ingaan vóór de afloop van de opzeggingstermijn.
-
Indien het in het zesde lid bedoelde ontslag niet op aanvraag van de ambtenaar geschiedt, wordt hem over de tijd die aan de opzeggingstermijn ontbreekt, een bedrag uitbetaald gelijk aan de laatstgenoten bezoldiging, vermeerderd met de vakantie-uitkering en de eindejaarsuitkering, berekend op de voet van het Besluit bezoldiging politie.
-
De aspirant en de vrijwilliger-aspirant die arbeidsongeschikt raakt tijdens de krachtens artikel 2c, eerste lid, aangewezen politieopleiding en de arbeidsongeschiktheid is beroepsgerelateerd, maar de arbeidsongeschiktheid komt niet in overwegende mate voort uit ongeschiktheid voor de dienst als bedoeld in het vierde lid, onder a of e,
blijft in dienst en hervat zo mogelijk de politieopleiding, of, indien dit niet mogelijk is dan wel het diploma wordt vanwege die arbeidsongeschiktheid niet behaald,
blijft in dienst en wordt, behoudens zwaarwegend dienstbelang, zodanig geplaatst binnen de politie dat in beginsel 100% doch minimaal 50% van zijn verdiencapaciteit wordt benut, of, indien ook dit niet mogelijk is,
wordt door het bevoegd gezag geholpen te re-integreren bij een andere werkgever.
Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepaling
Hoofdstuk Ia Elektronische berichtgeving
Hoofdstuk II Aanstelling
Hoofdstuk III Arbeids- en rusttijden
Hoofdstuk IV Vakantie
Hoofdstuk IV.A Individuele keuzemogelijkheden in arbeidsvoorwaarden
Hoofdstuk V Verlof
Hoofdstuk V.a Levensfase-uren
Hoofdstuk VI Buitengewoon verlof
Hoofdstuk VII Arbeidsgezondheidskundige begeleiding en maatregelen en enkele overige bepalingen in verband met ziekte, beroepsgerelateerde gezondheidsklachten en zwangerschap
Hoofdstuk VII.a Integriteit
Hoofdstuk VII.b Voorzieningen bij reorganisaties
- Artikel 55i
- Artikel 55ia
- Artikel 55ib
- Artikel 55j
- Artikel 55ja
- Artikel 55jb
- Artikel 55jc
- Artikel 55k
- Artikel 55l
- Artikel 55la
- Artikel 55lb
- Artikel 55m
- Artikel 55n
- Artikel 55o
- Artikel 55oa
- Artikel 55ob
- Artikel 55p
- Artikel 55q
- Artikel 55r
- Artikel 55ra
- Artikel 55s
- Artikel 55t
- Artikel 55u
- Artikel 55v
- Artikel 55w
- Artikel 55x
- Artikel 55y
- Artikel 55z
- Artikel 55aa
- Artikel 55aaa
- Artikel 55bb
Hoofdstuk VIII Overige rechten en verplichtingen van de ambtenaar
- Artikel 56
- Artikel 57
- Artikel 58
- Artikel 59
- Artikel 59a
- Artikel 60
- Artikel 61
- Artikel 62
- Artikel 62a
- Artikel 62b
- Artikel 63
- Artikel 64
- Artikel 64a
- Artikel 65
- Artikel 65a
- Artikel 67
- Artikel 68
- Artikel 69
- Artikel 69a
- Artikel 69b
- Artikel 70
- Artikel 71
- Artikel 72
- Artikel 72a
- Artikel 73
- Artikel 74
- Artikel 75
- Artikel 75bis
Hoofdstuk IX Straffen
Hoofdstuk X Schorsing en ontslag
Hoofdstuk XI Overgangs- en slotbepalingen
Bijlage I bij artikel 55ia, derde lid, Besluit algemene rechtspositie politie
Bijlage II bij artikel 55ia, derde lid, Besluit algemene rechtspositie politie
Artikel 89
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.