-
Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen geldt een collectieve regeling als bedoeld in de artikelen 1:3, eerste lid, en 1:4, eerste lid, gedurende 5 jaren, te rekenen van het tijdstip waarop die regeling ingaat. Bij wijziging van de in de eerste volzin bedoelde collectieve regeling binnen 5 jaren na inwerkingtreding, wordt het in de eerste volzin bedoelde tijdvak beëindigd op het tijdstip van inwerkingtreding van de gewijzigde collectieve regeling.
-
Het eerste lid, eerste volzin, is van overeenkomstige toepassing op de collectieve regeling als bedoeld in artikel 1:3, tweede lid, met dien verstande dat:
bij de inwerkingtreding van een overeenkomstige nieuwe collectieve regeling binnen 5 jaren na inwerkingtreding van de in de aanhef bedoelde collectieve regeling, het in de eerste volzin van het eerste lid bedoelde tijdvak wordt beëindigd;
deze regeling te allen tijde eindigt op het tijdstip, dat er geen overeenkomstige collectieve regeling als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, geldt op grond van het eerste lid, eerste volzin.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Toepassingsgebied
§ 2.1 Gehele of gedeeltelijke uitsluiting van de toepasselijkheid
§ 2.2 Uitbreiding van de toepasselijkheid
§ 2.3 Bijzondere voorschriften voor vliegend, varend en rijdend personeel
Hoofdstuk 3 Het verbod van kinderarbeid
Hoofdstuk 4 Algemene verplichtingen
§ 4.1 Algemeen
§ 4.2 Jeugdige werknemers
§ 4.3 Vrouwelijke werknemers
§ 4.4 Gezondheidsproblemen in relatie met het verrichten van nachtdiensten
Hoofdstuk 5 Arbeids- en rusttijden
§ 5.1 Algemene bepalingen
§ 5.2 Arbeids- en rusttijden
§ 5.3 Bijzondere voorschriften
§ 5.4 Vrijstelling en ontheffing
§ 5.5 Samenloop
Hoofdstuk 6 Medezeggenschapsaspecten
Hoofdstuk 7 Overige bestuursrechtelijke aspecten
Hoofdstuk 8 Toezicht
Hoofdstuk 9 Zelfstandige bestuursorganen
Hoofdstuk 10 Bestuursrechtelijke handhaving
§ 10.1 Overtredingen
§ 10.2 Het boeterapport
§ 10.3 Oplegging van de boete
§ 10.4 Inlichtingenplicht en terugbetaling
§ 10.5 Terugbetaling
§ 10.6 Bijzondere voorschriften voor bestuurders van motorrijtuigen zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland
Hoofdstuk 11 Strafbaarstelling en daarmee samenhangende bepalingen
Hoofdstuk 12 Slotbepalingen
Artikel 1:5
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.