1. In deze afdeling wordt verstaan onder:

    1. bijzondere bomen: bijzondere beschermingswaardige individuele houtopstanden die staan op de Lijst Bijzondere Bomen (LBB).

    2. Bomeneffect analyse: een beoordeling van de gevolgen van voorgenomen bouw of aanleg voor een houtopstand;

    3. Boom: een levend houtig opgaand gewas;

    4. Dunning: een velling uitsluitend bedoeld als verzorgingsmaatregel ter bevordering van groei van overblijvende houtopstanden;

    5. Houtopstand: één of meer bomen of boomvormers of houtwal, houtsingel of hakhout. Of ander houtachtig gewas

    6. Houtsingel: lijnvormige bosaanplant hoofdzakelijk bestaande uit inheemse heesters, struiken en boomvormers of één of meer rijen bomen;

    7. Houtwal: lijnvormige bosaanplant hoofdzakelijk bestaande uit inheemse heesters, struiken en boomvormers of één of meer rijen bomen staande op een kunstmatige aarden wal;

    8. Vellen: betreft vellen, doen vellen of laten vellen. Dit is rooien, kappen, of verplanten of het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen; betreft het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood, ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben;

    9. Boomwaarde: de waarde van een boom, zoals berekend op basis van de actuele richtlijn van de Nederlandse vereniging van taxateurs van bomen (NVTB).