1. Voor openbare inrichtingen gelden de volgende openings- en sluitingstijden:

    1. Alcoholvrije openbare inrichtingen zonder verkoop van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse mogen onbeperkt geopend zijn.

    2. Alcoholvrije openbare inrichtingen met verkoop van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse mogen van 07.00 uur tot 22.00 uur geopend zijn.

    3. Commerciële horecabedrijven mogen van 07.00 uur tot 02.00 uur (de volgende dag) bezoekers toelaten.

    4. Coffeeshops mogen van 10.00 uur tot 22.00 uur geopend zijn.

    5. Speelautomatenhallen mogen van 07.00 uur tot 02.00 uur (de volgende dag) bezoekers toelaten.

    6. Paracommerciële rechtspersonen die zich richten op het organiseren van activiteiten op de terreinen kunst, cultuur en informatie en daarmee een educatieve, ondersteunende en faciliterende functie hebben met een breed pakket mogelijkheden voor cultuurdeelname voor alle leeftijdscategorieën (bijvoorbeeld een centrum voor kunst en cultuur of een poppodium) mogen geopend blijven zolang de activiteit voortduurt, maar niet later dan 05.00 uur. Na 02.00 uur mogen geen bezoekers meer worden toegelaten.

    7. Alle overige openbare inrichtingen moeten tussen 01.00 uur en 07.00 uur gesloten zijn.

    8. Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28, vierde lid, aanhef en onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel.

  2. Voor een terras geldt dezelfde sluitingstijd als voor de openbare inrichting met een uiterlijke sluitingstijd van 02.00 uur.

  3. Openbare inrichtingen op Schiphol mogen onbeperkt geopend zijn, tenzij de burgemeester op advies van de Koninklijke Marechaussee beperkingen oplegt ter voorkoming van verstoring van de openbare orde en veiligheid.

  4. De burgemeester is bevoegd om in bijzondere gevallen voor het bepaalde in het eerste lid, onder g, tot maximaal 02.00 uur een ontheffing te verlenen, behalve voor paracommerciële rechtspersonen.

  5. Het eerste, het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Omgevingswet is voorzien.

  6. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.