Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Gennep 2020 BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Afdeling

Toezicht op inrichtingen ten behoeve van kamerbewoning

Artikel 2:80

Begrippen

In deze afdeling wordt verstaan onder:

  1. Kamerbewoningsinrichting. Een pand of een deel van een pand dat door meer dan 4 personen, anders dan door de rechthebbende, bedrijfsmatig kamergewijs wordt bewoond en dat niet valt aan te merken als recreatief nachtverblijf;

  2. exploitant: de natuurlijke persoon of personen, dan wel rechtspersoon of rechtspersonen die een inrichting exploiteert of exploiteren;

  3. beheerder: de natuurlijke persoon of personen die de onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent in een inrichting.

Artikel 2:81

Vergunning

  1. Het is verboden zonder vergunning van het college een kamerbewoningsinrichting te exploiteren.

  2. In de aanvraag om vergunning wordt in ieder geval vermeld:

    1. de persoonsgegevens en contactgegevens van de exploitant en beheerder;

    2. het adres van de inrichting;

    3. het aantal personen dat in de inrichting verblijf wordt verschaft;

    4. de periode waarin in de inrichting aan de personen verblijf wordt verschaft;

    5. de totale woonoppervlakte die in de inrichting voor verblijf beschikbaar is;

    6. het aantal beschikbare parkeerplaatsen.

    7. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:82

Gedragseisen exploitant en beheerder

De exploitant en de beheerder:

  1. Staan niet onder curatele;

  2. Zijn niet van slecht levensgedrag, zulks ter beoordeling van het college al dan niet aan de hand van een verklaring omtrent gedrag (VOG);

  3. hebben de leeftijd van 21 jaar bereikt;

  4. Zijn niet tevens de werkgever van een of meer huurders.

Artikel 2:83

Weigeringsgronden

  1. De vergunning zoals bedoeld in 2:81, eerste lid wordt geweigerd indien:

    1. de exploitant of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 2:82 gestelde eisen;

  2. De vergunning zoals bedoeld in 2:81, eerste lid kan worden geweigerd in het belang van:

    1. de openbare orde;

    2. het voorkomen of beperken van overlast;

    3. het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat;

    4. de veiligheid van personen of goederen;

    5. de verkeersveiligheid;

    6. de gezondheid of zedelijkheid.

Artikel 2:84

Intrekking van de vergunning

  1. Het college kan de vergunning bedoeld onder 2:81 intrekken;

  2. Het college trekt de vergunning niet eerder in dan nadat exploitant in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze te geven over de voorgenomen intrekking;

  3. Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing indien naar het oordeel van het college sprake is van ernstige aantasting van de belangen genoemd in artikel 2:83, tweede lid, a tot en met f.

Artikel 2:85

Overgangsrecht

  1. Aan het bepaalde in artikel 2:82 ten vierde, luidende “zijn niet tevens de werkgever van een of meer huurders”, wordt bij het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:81 uitgestelde werking gegeven tot 1 januari 2023, voor situaties die op 1 januari 2021 al bestonden.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Gennep 2020