Algemene wet inzake rijksbelastingen

Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk II Aangifte
Hoofdstuk III Heffing van belasting bij wege van aanslag
Hoofdstuk IV Heffing van belasting bij wege van voldoening of afdracht op aangifte
Hoofdstuk IVbis Terugvordering van staatssteun
Hoofdstuk IVA Basisregistratie inkomen
Hoofdstuk V Bezwaar en beroep
Hoofdstuk VA Belastingrente en revisierente
Hoofdstuk VI Bevordering van de richtige heffing
Hoofdstuk VII Bepalingen ter voorkoming van dubbele belasting
Hoofdstuk VIII Bijzondere bepalingen
Hoofdstuk VIIIA Bestuurlijke boeten
Hoofdstuk IX Strafrechtelijke bepalingen
Hoofdstuk X Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 44

HISTORISCH
  1. Na iemands overlijden kunnen zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel in het uitoefenen van de bevoegdheden en in het nakomen van de verplichtingen, welke de overledene zou hebben gehad, ware hij in leven gebleven, worden vertegenwoordigd door een hunner, de executeur, de door de rechter benoemde vereffenaar van de nalatenschap of de bewindvoerder over de nalatenschap. Desgevorderd is ieder der in dit lid genoemde personen tot nakoming van die verplichtingen gehouden.

  2. Stukken betreffende belastingaangelegenheden van een overledene kunnen worden gericht aan een der in het eerste lid genoemde personen.

11-04-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 31-12-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 31-12-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-10-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 01-10-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 23-06-2020 Historisch 01-06-2020 Historisch 15-04-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. Na iemands overlijden kunnen zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel in het uitoefenen van de bevoegdheden en in het nakomen van de verplichtingen, welke de overledene zou hebben gehad, ware hij in leven gebleven, worden vertegenwoordigd door een hunner, de executeur, de door de rechter benoemde vereffenaar van de nalatenschap of de bewindvoerder over de nalatenschap. Desgevorderd is ieder der in dit lid genoemde personen tot nakoming van die verplichtingen gehouden.

  2. Stukken betreffende belastingaangelegenheden van een overledene kunnen worden gericht aan een der in het eerste lid genoemde personen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Algemene wet inzake rijksbelastingen