-
In de gevallen waarin de belastingwet voldoening van in een tijdvak verschuldigd geworden of afdracht van in een tijdvak ingehouden belasting op aangifte voorschrijft, is de belastingplichtige, onderscheidenlijk de inhoudingsplichtige, gehouden de belasting binnen één maand na het einde van dat tijdvak overeenkomstig de aangifte aan de ontvanger te betalen.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld:
met betrekking tot het tijdvak waarover de belasting moet worden betaald, waarbij tevens regels kunnen worden gesteld volgens welke in de loop van dat tijdvak één of meer voorlopige betalingen moeten worden gedaan;
krachtens welke door de inspecteur aan de belastingplichtige, onderscheidenlijk de inhoudingsplichtige, uitstel wordt verleend voor de voldoening van in een tijdvak verschuldigd geworden belasting of de afdracht van in een tijdvak ingehouden belasting, indien met betrekking tot dat tijdvak dan wel een tijdvak dat is geëindigd vóór, tegelijk met of minder dan 34 dagen na dat tijdvak een verzoek om teruggaaf van belasting is ingediend.
-
In de niet in het eerste lid bedoelde gevallen waarin de belastingwet voldoening of afdracht van belasting op aangifte voorschrijft, is de belastingplichtige, onderscheidenlijk de inhoudingsplichtige, gehouden de belasting overeenkomstig de aangifte aan de ontvanger te betalen binnen één maand na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan.
-
Indien voor het doen van aangifte uitstel is verleend, wordt de in het eerste en in het derde lid genoemde termijn van één maand met de duur van dit uitstel verlengd.
-
De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste en in het derde lid gestelde termijn van één maand.
Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk III Heffing van belasting bij wege van aanslag
Hoofdstuk IV Heffing van belasting bij wege van voldoening of afdracht op aangifte
Hoofdstuk IVbis Terugvordering van staatssteun
Hoofdstuk IVA Basisregistratie inkomen
Hoofdstuk V Bezwaar en beroep
Afdeling 1a Massaal bezwaar
Afdeling 2 Beroep
Afdeling 2a Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad
Afdeling 3 Hoger beroep
Afdeling 4 Beroep in cassatie bij de Hoge Raad
Hoofdstuk VA Belastingrente en revisierente
Hoofdstuk VI Bevordering van de richtige heffing
Hoofdstuk VII Bepalingen ter voorkoming van dubbele belasting
Hoofdstuk VIII Bijzondere bepalingen
Afdeling 1 Vertegenwoordiging buiten rechte
Afdeling 2 Verplichtingen ten dienste van de belastingheffing
Afdeling 3 Domiciliekeuze en uitreiking van stukken
Afdeling 4 Overschrijding van termijnen
Afdeling 5 Toekenning van bevoegdheden
Afdeling 5a Inzage in de belastingplichtige of inhoudingsplichtige betreffende gegevens
Afdeling 6 Geheimhouding
Hoofdstuk VIIIA Bestuurlijke boeten
Afdeling 1 Overtredingen
Paragraaf 1 Verzuimboeten
Paragraaf 2 Vergrijpboeten
Afdeling 2 Aanvullende voorschriften inzake het opleggen van bestuurlijke boeten
Afdeling 3 Openbaarmaking van de boetebeschikking
Hoofdstuk IX Strafrechtelijke bepalingen
Afdeling 1 Strafbare feiten
Afdeling 1A Strafbare feiten in algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen
Afdeling 2 Algemene bepalingen van strafrecht
Afdeling 3 Algemene bepalingen van strafvordering
Hoofdstuk X Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 19
Actueel
1 verwijzing(en)
Hoge Raad
|
04-03-2016
|
18-02-2026
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.