1. De redenen van verschoning worden alle tegelijk voorgedragen.

  2. Een nieuwe verschoning kan door dezelfde rechter slechts worden voorgedragen om redenen die na de eerste voordracht zijn ontstaan of bekend geworden.

  3. Tijdens het onderzoek ter terechtzitting kan een verschoning niet meer worden voorgedragen na de voordracht van de zaak door het openbaar ministerie, bedoeld bij artikel 318, tenzij om redenen die eerst in de loop van dat onderzoek zijn ontstaan of bekend geworden.