1. Zolang het onderzoek op de terechtzitting nog niet is aangevangen, kan de officier van justitie de dagvaarding intrekken. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan de verdachte.

  2. De officier van justitie draagt zorg dat de gedagvaarde getuigen en deskundigen tijdig met de intrekking worden bekendgemaakt.

  3. Wordt bij of na de intrekking van de dagvaarding van verdere vervolging afgezien, dan doet de officier van justitie de verdachte onverwijld kennisgeven, dat hij hem ter zake van het feit waarop de dagvaarding betrekking had, niet verder zal vervolgen. De artikelen 279 en 280 zijn van toepassing.