1. Met betrekking tot de door de verdachte overeenkomstig een van de beide voorgaande artikelen aangewezen deskundige zijn de artikelen 245 tot en met 247, 263 tot en met 265, 266, derde en vierde lid, en 267 van overeenkomstige toepassing.

  2. Die deskundige brengt aan de rechter-commissaris een met redenen omkleed verslag uit. Het verslag wordt schriftelijk of mondeling uitgebracht, naar gelang de rechter-commissaris dit vordert.

  3. Die deskundige ontvangt uit 's Rijks kas vergoeding op dezelfde voet als de deskundigen, die door de rechter-commissaris zijn benoemd.