1. De rechter-commissaris kan, ambtshalve, op de vordering van de officier van justitie of op het verzoek van de verdachte of diens raadsman, in het belang van het onderzoek het doen van nasporingen opdragen en bevelen geven aan de ambtenaren genoemd in artikel 184, eerste lid, en aan de personen genoemd in artikel 185.

  2. De rechter-commissaris heeft gelijke bevoegdheid als in artikel 197 aan het openbaar ministerie is toegekend.