1. Huiszoeking geschiedt, zoveel mogelijk in tegenwoordigheid van de officier van justitie, door of onder leiding van de rechter-commissaris. Artikel 136, tweede lid, is van toepassing.

  2. Ingeval de huiszoeking moet geschieden in een ander eilandgebied doet de rechter-commissaris een daartoe strekkend verzoek aan zijn ambtgenoot in dat andere eilandgebied.

  3. Artikel 126 is van toepassing.