Wetboek van Strafrecht

Inhoud
Eerste Boek Algemene bepalingen
Titel I Omvang van de werking van de strafwet
Titel II Straffen
Titel IIA Maatregelen
Titel III Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel IIIa Gronden voor vermindering van straf
Titel IV Poging en voorbereiding
Titel V Deelneming aan strafbare feiten
Titel VI Samenloop van strafbare feiten
Titel VII Indiening en intrekking van de klacht bij misdrijven alleen op klacht vervolgbaar
Titel VIII Verval van het recht tot strafvordering en van de straf
Titel VIII A Bijzondere bepalingen voor jeugdigen en jongvolwassenen
Titel IX Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Tweede Boek Misdrijven
Titel I Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel II Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel III Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel IV Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI Tweegevecht
Titel VII Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX Meineed
Titel X Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI Valsheid in zegels en merken
Titel XII Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XIII Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XIV Seksuele misdrijven
Titel XV Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI Belediging
Titel XVII Schending van geheimen
Titel XVIII Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIX Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIXA Afbreking van zwangerschap
Titel XX Mishandeling
Titel XXI Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXII Diefstal en stroperij
Titel XXIII Afpersing en afdreiging
Titel XXIV Verduistering
Titel XXV Bedrog
Titel XXVI Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVII Vernieling of beschadiging
Titel XXVIII Ambtsmisdrijven
Titel XXIX Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX Begunstiging
Titel XXXA Witwassen
Titel XXXI Financieren van terrorisme
Derde Boek Overtredingen

Artikel 381

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
  1. Als schuldig aan zeeroof wordt gestraft:

    1. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie, hij die als schipper dienst neemt of dienst doet op een vaartuig, wetende dat het bestemd is of het gebruikende om in open zee daden van geweld te plegen tegen andere vaartuigen of tegen zich daarop bevindende personen of goederen, zonder door een oorlogvoerende mogendheid daartoe te zijn gemachtigd of tot de oorlogsmarine van een erkende mogendheid te behoren;

    2. met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie, hij die, bekend met deze bestemming of dit gebruik, als schepeling dienst neemt op zodanig vaartuig of vrijwillig in dienst blijft na daarmede bekend te zijn geworden.

  2. Met het gemis van machtiging wordt gelijkgesteld het overschrijden van de machtiging alsmede het voorzien zijn van machtigingen afkomstig van tegen elkander oorlog voerende mogendheden.

  3. Artikel 81 blijft buiten toepassing.

  4. Het in de vorige leden ten aanzien van de schipper en de schepeling bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de gezagvoerder onderscheidenlijk het lid van de bemanning van een luchtvaartuig. Onder vaartuig wordt in de vorige leden luchtvaartuig begrepen en onder open zee het luchtruim daarboven.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 15-05-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-09-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-03-2022 Historisch 26-01-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-05-2021 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 01-04-2019 Historisch 01-03-2019 Historisch 01-01-2019 Historisch 16-10-2018 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 16-10-2018.

Tekst van deze versie

  1. Als schuldig aan zeeroof wordt gestraft:

    1. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie, hij die als schipper dienst neemt of dienst doet op een vaartuig, wetende dat het bestemd is of het gebruikende om in open zee daden van geweld te plegen tegen andere vaartuigen of tegen zich daarop bevindende personen of goederen, zonder door een oorlogvoerende mogendheid daartoe te zijn gemachtigd of tot de oorlogsmarine van een erkende mogendheid te behoren;

    2. met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie, hij die, bekend met deze bestemming of dit gebruik, als schepeling dienst neemt op zodanig vaartuig of vrijwillig in dienst blijft na daarmede bekend te zijn geworden.

  2. Met het gemis van machtiging wordt gelijkgesteld het overschrijden van de machtiging alsmede het voorzien zijn van machtigingen afkomstig van tegen elkander oorlog voerende mogendheden.

  3. Artikel 81 blijft buiten toepassing.

  4. Het in de vorige leden ten aanzien van de schipper en de schepeling bepaalde is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de gezagvoerder onderscheidenlijk het lid van de bemanning van een luchtvaartuig. Onder vaartuig wordt in de vorige leden luchtvaartuig begrepen en onder open zee het luchtruim daarboven.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafrecht