Met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft hij, die:
- 1°
nadat hij een bevoegdheid als bedoeld in artikel 522, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering BES heeft uitgeoefend, dan wel
- 2°
nadat hem buiten de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba een aangehouden verdachte of een inbeslaggenomen voorwerp is overgeleverd, dan wel
- 3°
nadat hij buiten de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba op last van de officier van justitie een persoon heeft aangehouden, niet onverwijld en op de snelst mogelijke wijze de officier van justitie kennis geeft van de gegevens, bedoeld in artikel 522, tweede en derde lid, van het Wetboek van Strafvordering BES, of nalaat te trachten ten spoedigste aanwijzing van de officier van justitie te verkrijgen als bedoeld in het derde lid van dat artikel.