Met geldboete van de eerste categorie wordt gestraft:
- 1°
hij die zonder daartoe gerechtigd te zijn een Nederlandschen adellijken titel voert of een Nederlandsch ordeteeken draagt;
- 2°
hij die zonder ‘s Konings verlof, waar dit vereischt wordt, een vreemd ordeteeken, titel, rang of waardigheid aanneemt;
- 3°
hij die, door het bevoegd gezag naar zijn naam wordt gevraagd, een valschen naam opgeeft.