De in de artikelen 313–316 bepaalde straffen kunnen met een derde worden verhoogd:
- 1°
ten aanzien van den schuldige die het misdrijf begaat tegen zijne moeder, zijne wettigen vader, zijn echtgenoot of zijn kind;
- 2°
indien het misdrijf wordt gepleegd tegen een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening zijner bediening;
- 3°
indien het misdrijf wordt gepleegd door toediening van voor het leven of de gezondheid schadelijke stoffen.