Het bewijs der waarheid van het te laste gelegde feit wordt alleen toegelaten in de volgende gevallen:

  1. wanneer de rechter het onderzoek naar de waarheid noodig acht ter beoordeling van de bewering van den beklaagde dat hij in het algemeen belang of tot noodzakelijke verdediging gehandeld heeft;

  2. wanneer aan een ambtenaar een feit begaan in de uitoefening zijner bediening wordt te laste gelegd.