-
Bij de eerste opname in een accommodatie, bij de tenuitvoerlegging van een bevel als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef, van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden, en voor zover dit anderszins noodzakelijk is voor de vaststelling van de identiteit wordt de identiteit vastgesteld van een persoon die krachtens een beslissing op grond van het Wetboek van Strafvordering, het Wetboek van Strafrecht, de Penitentiaire beginselenwet, de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden of de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen in een accommodatie is geplaatst.
-
Het vaststellen van de identiteit van de persoon, bedoeld in het eerste lid, omvat bij de eerste opname in een accommodatie het vragen naar zijn naam, voornamen, geboorteplaats en geboortedatum, het adres waarop hij in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven en het adres van zijn feitelijke verblijfplaats buiten de accommodatie. In de gevallen waarin van betrokkene vingerafdrukken zijn genomen en verwerkt overeenkomstig het Wetboek van Strafvordering of de Vreemdelingenwet 2000, omvat het vaststellen van zijn identiteit tevens het nemen van zijn vingerafdrukken en het vergelijken van die vingerafdrukken met de van hem verwerkte vingerafdrukken. In de andere gevallen omvat het vaststellen van zijn identiteit een onderzoek van het identiteitsbewijs, bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht. Artikel 29c, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing.
-
Bij de tenuitvoerlegging van een bevel als bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef, van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden worden van de persoon, bedoeld in het eerste lid, een of meer vingerafdrukken overeenkomstig het Wetboek van Strafvordering genomen en verwerkt en is het tweede lid, tweede en derde volzin, van overeenkomstige toepassing. In een ander geval waarin het noodzakelijk is de identiteit van de persoon, bedoeld in het eerste lid, vast te stellen, is het tweede lid, tweede en derde volzin, van overeenkomstige toepassing.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor het verwerken van de persoonsgegeven, bedoeld in het tweede en derde lid.
Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg Laatste controle 29-03-2026, laatste wijziging 12-03-2026.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Algemene uitgangspunten
Hoofdstuk 3 Criteria voor en doelen van verplichte zorg
Hoofdstuk 4 De zelfbindingsverklaring
Hoofdstuk 5 Voorbereiden zorgmachtiging
Paragraaf 1 Melding en aanvraag voorbereiding zorgmachtiging
Paragraaf 2 Voorbereiding zorgmachtiging
Paragraaf 3 De medische verklaring
Paragraaf 4 De zorgkaart en het zorgplan
Paragraaf 5 Beslissing officier van justitie
Paragraaf 6 De toepassing van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg.
Hoofdstuk 6 Zorgmachtiging
Hoofdstuk 7 Crisismaatregel, machtiging tot voortzetting daarvan en aansluitend verzoek voor een zorgmachtiging
Paragraaf 1 Crisismaatregel door de burgemeester
Paragraaf 2 Tijdelijke verplichte zorg voorafgaand aan een crisismaatregel
Paragraaf 3 Geldigheidsduur
Paragraaf 4 Beroep
Paragraaf 5 Verlenging crisismaatregel
Paragraaf 6 Verzoek zorgmachtiging aansluitend op verlenging crisismaatregel
Hoofdstuk 8 Rechten en plichten bij de tenuitvoerlegging en uitvoering van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel en zorgmachtiging.
Paragraaf 1 Tenuitvoerlegging en uitvoering van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting crisismaatregel en zorgmachtiging
Paragraaf 2 Uitvoering van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting crisismaatregel en zorgmachtiging
Paragraaf 3 Tijdelijke verplichte zorg in noodsituaties
Paragraaf 4 Veiligheidsonderzoek en huisregels
Paragraaf 5 Overplaatsing, tijdelijke onderbreking en beëindiging
Hoofdstuk 9 Bijzondere bepalingen ten aanzien van personen met een strafrechtelijke titel
Paragraaf 1 Personen met een strafrechtelijke titel die worden geplaatst in een accommodatie
Paragraaf 2 Vaststellen identiteit forensische patiënten
Hoofdstuk 10 Klachtenprocedure en schadevergoeding
Paragraaf 1 Instelling en taakomschrijving van de klachtencommissie
Paragraaf 2 De klachtprocedure
Paragraaf 4 Schadevergoeding
Paragraaf 5 Geheimhouding
Hoofdstuk 11 Patiëntenvertrouwenspersoon
Hoofdstuk 12 Familievertrouwenspersoon
Hoofdstuk 13 Toezicht en handhaving
Paragraaf 2 Bestuursrechtelijke handhaving
Paragraaf 3 Strafrechtelijke handhaving
Hoofdstuk 14 Aanpassing andere wetgeving
- Artikel 14:1
- Artikel 14:2
- Artikel 14:3
- Artikel 14:4
- Artikel 14:5
- Artikel 14:6
- Artikel 14:7
- Artikel 14:8
- Artikel 14:9
- Artikel 14:10
- Artikel 14:11
- Artikel 14:12
- Artikel 14:12a
- Artikel 14:13
- Artikel 14:14
- Artikel 14:15
- Artikel 14:16
- Artikel 14:17
- Artikel 14:18
- Artikel 14:19
- Artikel 14:20
- Artikel 14:21
- Artikel 14:22
- Artikel 14:23
- Artikel 14:24
- Artikel 14:25
- Artikel 14:26
- Artikel 14:27
- Artikel 14:28
- Artikel 14:29
Hoofdstuk 15 Overgangsbepalingen
Hoofdstuk 16 Slotbepalingen
Paragraaf 2
Vaststellen identiteit forensische patiënten