Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Algemene uitgangspunten
Hoofdstuk 3 Criteria voor en doelen van verplichte zorg
Hoofdstuk 4 De zelfbindingsverklaring
Hoofdstuk 5 Voorbereiden zorgmachtiging
Hoofdstuk 6 Zorgmachtiging
Hoofdstuk 7 Crisismaatregel, machtiging tot voortzetting daarvan en aansluitend verzoek voor een zorgmachtiging
Paragraaf 1 Crisismaatregel door de burgemeester
Paragraaf 2 Tijdelijke verplichte zorg voorafgaand aan een crisismaatregel
Paragraaf 3 Geldigheidsduur
Paragraaf 4 Beroep
Paragraaf 5 Verlenging crisismaatregel
Paragraaf 6 Verzoek zorgmachtiging aansluitend op verlenging crisismaatregel
Hoofdstuk 8 Rechten en plichten bij de tenuitvoerlegging en uitvoering van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel en zorgmachtiging.
Hoofdstuk 9 Bijzondere bepalingen ten aanzien van personen met een strafrechtelijke titel
Paragraaf 1 Personen met een strafrechtelijke titel die worden geplaatst in een accommodatie
Paragraaf 2 Vaststellen identiteit forensische patiënten
Hoofdstuk 10 Klachtenprocedure en schadevergoeding
Hoofdstuk 11 Patiëntenvertrouwenspersoon
Hoofdstuk 12 Familievertrouwenspersoon
Hoofdstuk 13 Toezicht en handhaving
Hoofdstuk 14 Aanpassing andere wetgeving
Hoofdstuk 15 Overgangsbepalingen
Hoofdstuk 16 Slotbepalingen

Artikel 7:2

HISTORISCH
  1. De burgemeester vermeldt in de crisismaatregel in elk geval:

    1. de zorg die noodzakelijk is om de crisissituatie af te wenden;

    2. de zorgaanbieder, de geneesheer-directeur en de zorgverantwoordelijke die worden belast met de uitvoering van de crisismaatregel en zo nodig de accommodatie;

    3. de mogelijkheid van advies en bijstand door een patiëntenvertrouwenspersoon;

    4. het recht op beroep, bedoeld in artikel 7:6.

  2. De burgemeester zendt onverwijld een afschrift van zijn beslissing tot het nemen van een crisismaatregel en de afgegeven medische verklaring aan betrokkene, de advocaat, de geneesheer-directeur, de inspectie, de officier van justitie en voor zover aanwezig de vertegenwoordiger en de gezinsvoogdijwerker.

  3. Indien betrokkene geen advocaat heeft, draagt de burgemeester binnen 24 uur na het nemen van de crisismaatregel ervoor zorg dat betrokkene wordt bijgestaan door een advocaat, tenzij betrokkene daartegen bedenkingen heeft.

  4. Bij algemene maatregel van bestuur, vast te stellen op de voordracht van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Veiligheid en Justitie, kunnen regels worden gesteld over de toepassing van het derde lid.

  5. De burgemeester verstrekt de persoonsgegevens van betrokkene aan de patiëntenvertrouwenspersoon, met als doel betrokkene te kunnen informeren over de mogelijkheid tot advies en bijstand door een patiëntenvertrouwenspersoon. De burgemeester verstrekt de persoonsgegevens alleen met uitdrukkelijke toestemming van betrokkene.

  6. De burgemeester draagt ervoor zorg dat de zorgverantwoordelijke ten behoeve van de verplichting, bedoeld in artikel 8:4, eerste lid, een afschrift van de afgegeven medische verklaring, bedoeld in artikel 7:1, derde lid, onderdeel a, ontvangt.

01-07-2025 Huidig 01-01-2025 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-01-2022 Historisch 06-11-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 31-10-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 19-03-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 06-11-2021.

Tekst van deze versie

  1. De burgemeester vermeldt in de crisismaatregel in elk geval:

    1. de zorg die noodzakelijk is om de crisissituatie af te wenden;

    2. de zorgaanbieder, de geneesheer-directeur en de zorgverantwoordelijke die worden belast met de uitvoering van de crisismaatregel en zo nodig de accommodatie;

    3. de mogelijkheid van advies en bijstand door een patiëntenvertrouwenspersoon;

    4. het recht op beroep, bedoeld in artikel 7:6.

  2. De burgemeester zendt onverwijld een afschrift van zijn beslissing tot het nemen van een crisismaatregel en de afgegeven medische verklaring aan betrokkene, de advocaat, de geneesheer-directeur, de inspectie, de officier van justitie en voor zover aanwezig de vertegenwoordiger en de gezinsvoogdijwerker.

  3. Indien betrokkene geen advocaat heeft, draagt de burgemeester binnen 24 uur na het nemen van de crisismaatregel ervoor zorg dat betrokkene wordt bijgestaan door een advocaat, tenzij betrokkene daartegen bedenkingen heeft.

  4. Bij algemene maatregel van bestuur, vast te stellen op de voordracht van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Veiligheid en Justitie, kunnen regels worden gesteld over de toepassing van het derde lid.

  5. De burgemeester verstrekt de persoonsgegevens van betrokkene aan de patiëntenvertrouwenspersoon, met als doel betrokkene te kunnen informeren over de mogelijkheid tot advies en bijstand door een patiëntenvertrouwenspersoon. De burgemeester verstrekt de persoonsgegevens alleen met uitdrukkelijke toestemming van betrokkene.

  6. De burgemeester draagt ervoor zorg dat de zorgverantwoordelijke ten behoeve van de verplichting, bedoeld in artikel 8:4, eerste lid, een afschrift van de afgegeven medische verklaring, bedoeld in artikel 7:1, derde lid, onderdeel a, ontvangt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg