-
Degene wiens rijbewijs kan worden ingenomen door Onze Minister, is verplicht op eerste vordering van Onze Minister het rijbewijs in te leveren op een door Onze Minister te bepalen tijdstip en aan te wijzen plaats.
-
De termijn, bedoeld in artikel 28a, vangt aan op het tijdstip waarop de inlevering van het rijbewijs heeft plaatsgevonden.
-
Indien aan de verplichting tot inlevering van het rijbewijs niet wordt voldaan, is Onze Minister bevoegd dat rijbewijs op kosten van de in het eerste lid bedoelde persoon te doen inleveren. Afdeling 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
-
Onze Minister doet van het tijdstip, bedoeld in het eerste en in het tweede lid, onverwijld mededeling aan de beheerder van het rijbewijzenregister in de zin van de Wegenverkeerswet 1994. Onze Minister doet op gelijke wijze mededeling van het tijdstip waarop het rijbewijs is teruggegeven.
Inhoud
Hoofdstuk I Begripsbepalingen
Hoofdstuk II Toepassingsgebied van de wet
Hoofdstuk III Administratieve sanctie
Hoofdstuk IV Administratief beroep en bezwaar bij de officier van justitie
Hoofdstuk V Beroep bij de kantonrechter van de rechtbank
Hoofdstuk VI Hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Hoofdstuk VII Vervallen zekerheidstelling
Hoofdstuk VIII De inning van de administratieve sanctie
Hoofdstuk IX Voorlopige maatregelen
Hoofdstuk X Overige bepalingen
Hoofdstuk XI Slotbepalingen
Artikel 30
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.