Indien niet of niet volledig verhaal overeenkomstig de artikelen 26 en 27 heeft plaatsgevonden, kan Onze Minister het voertuig waarmee de gedraging heeft plaatsgevonden buiten gebruik stellen of, indien dit voertuig niet wordt aangetroffen, een soortgelijk voertuig waarover degene aan wie de administratieve sanctie is opgelegd, vermag te beschikken. Onze Minister kan tot uiterlijk vijf jaar nadat de opgelegde administratieve sanctie onherroepelijk is geworden van zijn bevoegdheid gebruik maken. Indien betaling in termijnen door Onze Minister is toegestaan, wordt de termijn waarin van de bevoegdheid gebruik kan worden gemaakt, verlengd met één jaar. De buitengebruikstelling duurt ten hoogste vier weken.
Inhoud
Hoofdstuk I Begripsbepalingen
Hoofdstuk II Toepassingsgebied van de wet
Hoofdstuk III Administratieve sanctie
Hoofdstuk IV Administratief beroep en bezwaar bij de officier van justitie
Hoofdstuk V Beroep bij de kantonrechter van de rechtbank
Hoofdstuk VI Hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Hoofdstuk VII Vervallen zekerheidstelling
Hoofdstuk VIII De inning van de administratieve sanctie
Hoofdstuk IX Voorlopige maatregelen
Hoofdstuk X Overige bepalingen
Hoofdstuk XI Slotbepalingen
Artikel 28b
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.