Wijzigingen in deze wet

Tabaks- en rookwarenwet op 01-07-2026

Alleen artikelen met een inhoudelijke wijziging worden getoond. De diff gebruikt dezelfde opbouw als op de versie-tab van een artikel.

Tabaks- en rookwarenwet

Vergelijking tussen 12-07-2025 en 01-07-2026

2 gewijzigde artikelen

Artikel 6

Gewijzigd

⚠Een Ditdetaillist artikelwordt isperiodiek vervallen.Vervallendoor of namens die detaillist geregistreerd in een door Onze Minister beheerd registratiesysteem.

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze van registreren en de geldigheid van de registratie, bedoeld in het eerste lid, en de gegevens, waaronder mede begrepen persoonsgegevens, en bescheiden die daarbij worden verstrekt.

Onze Minister is bevoegd de krachtens het tweede lid verstrekte persoonsgegevens te verwerken ten behoeve van het toezicht op en de handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften.

Nieuwe tekst
  1. Een detaillist wordt periodiek door of namens die detaillist geregistreerd in een door Onze Minister beheerd registratiesysteem.

  2. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze van registreren en de geldigheid van de registratie, bedoeld in het eerste lid, en de gegevens, waaronder mede begrepen persoonsgegevens, en bescheiden die daarbij worden verstrekt.

  3. Onze Minister is bevoegd de krachtens het tweede lid verstrekte persoonsgegevens te verwerken ten behoeve van het toezicht op en de handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften.

Artikel 11b

Gewijzigd

Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2, 3, 3a, 3b, 3c, 3e, 4a, 4b, 4c, 4e, 4h, 4i, 5, 5a, 6, 7, 8, 9, 9a, 10, 11, 17a of 18 van deze wet of artikel 7 van de markttoezichtverordening.

De hoogte van de bestuurlijke boete wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de wegens een afzonderlijke overtreding te betalen geldsom ten hoogste:

Nieuwe tekst
  1. Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2, 3, 3a, 3b, 3c, 3e, 4a, 4b, 4c, 4e, 4h, 4i, 5, 5a, 6, 7, 8, 9, 9a, 10, 11, 17a of 18 van deze wet of artikel 7 van de markttoezichtverordening.

  2. De hoogte van de bestuurlijke boete wordt bepaald op de wijze als voorzien in de bijlage, met dien verstande dat de wegens een afzonderlijke overtreding te betalen geldsom ten hoogste:

    1. € 450 000 bedraagt wegens overtreding van artikel 4a, 4b, 4c, eerste tot en met vijfde lid, 4h, 4i, 5, 5a of 11, indien die overtreding is begaan door een fabrikant, groothandel of importeur van tabaksproducten, elektronische sigaretten, elektronische verhittingsapparaten, nicotineproducten zonder tabak, nicotineapparaten of navulverpakkingen;

    2. een bedrag bedraagt dat gelijk is aan een geldboete van de vierde categorie als bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, wegens een overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 8 of 10;

    3. € 4.500 bedraagt in andere dan de onder a en b bedoelde gevallen.

  3. In afwijking van het eerste lid kan de overtreding niet met een bestuurlijke boete worden afgedaan, indien de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene bestuurlijke boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economische voordeel.