1. In het geval bij de behandeling van het beroep in cassatie middelen van cassatie ten onrechte buiten behandeling zijn gelaten en in het geval ten gevolge van een onjuiste betekening van de kennisgeving in cassatie geen middelen van cassatie zijn ingediend, kan de Hoge Raad het arrest dat hij heeft gewezen intrekken. De beslissing tot intrekking wordt op de openbare zitting uitgesproken.

  2. De Hoge Raad kan voorts in een arrest een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent verbeteren.

  3. De beslissing om opnieuw arrest te wijzen of een gewezen arrest te verbeteren kan worden genomen door de leden van de Hoge Raad die het in te trekken of te verbeteren arrest hebben gewezen. Indien één van deze leden daar niet toe in staat is, treedt een ander in zijn plaats.

  4. Na een beslissing tot intrekking als bedoeld in het eerste lid wordt de zaak, onverminderd artikel 5.5.11, door de Hoge Raad in behandeling genomen op een openbare zitting.