1. De advocaat-generaal roept de verdachte voor de terechtzitting op. De oproeping bevat een opgave van een of meer van de feiten die hem in eerste aanleg zijn tenlastegelegd. Artikel 4.1.1, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  2. Op de oproeping voor de terechtzitting van de verdachte zijn de artikelen 4.1.12 tot en met 4.1.14 van overeenkomstige toepassing.

  3. Artikel 4.1.11, met uitzondering van het eerste lid, onderdeel a, is van overeenkomstige toepassing. In afwijking van artikel 4.1.11, derde lid, kan oproeping van het slachtoffer en de spreekgerechtigde achterwege blijven indien het hoger beroep zodanig is beperkt dat het desbetreffende strafbare feit niet aan het oordeel van het gerechtshof is onderworpen.