1. De officier van justitie kan op grond van een zwaarwegend opsporingsbelang na een daartoe verleende machtiging van de rechter-commissaris bevelen dat het bekend maken aan de producent van een onbekende kwetsbaarheid voor het op afstand binnendringen in een digitale-gegevensdrager of geautomatiseerd werk, bedoeld in artikel 2.8.16, wordt uitgesteld.

  2. Onder onbekende kwetsbaarheid wordt verstaan een kwetsbaarheid in een digitale-gegevensdrager of in een geautomatiseerd werk waarvan aannemelijk is dat die niet bekend is of kan worden verondersteld niet bekend te zijn bij de producent van het apparaat of van het programma op basis waarvan automatisch gegevens worden verwerkt, en die kan worden gebruikt om die digitale-gegevensdrager of dat geautomatiseerde werk op afstand binnen te dringen.