1. In gevallen waarin de Hoge Raad beslist op een ontvankelijke herzieningsaanvraag die betrekking heeft op een eindarrest waartegen eerder beroep in cassatie is ingesteld, is hij bij voorkeur samengesteld uit raadsheren die niet ten gronde op het beroep in cassatie hebben beslist.

  2. In geval de procureur-generaal, de plaatsvervangend procureur-generaal of een advocaat-generaal met betrekking tot een eindarrest waar de herzieningsaanvraag betrekking op heeft eerder bevoegdheden heeft uitgeoefend die op grond van Hoofdstuk 5 aan de procureur-generaal zijn toegekend, worden de bevoegdheden die in dit hoofdstuk aan de procureur-generaal zijn toegekend bij voorkeur uitgeoefend door:

    1. in geval het de procureur-generaal betreft: de plaatsvervangend procureur-generaal of een advocaat-generaal;

    2. in geval het de plaatsvervangend procureur-generaal betreft: een advocaat-generaal;

    3. in geval het een advocaat-generaal betreft: een andere advocaat-generaal.