1. In geval van een verzoek als bedoeld in artikel 5.8.5 kan de procureur-generaal ambtshalve of op verzoek van de gewezen verdachte advies inwinnen van een commissie belast met de advisering over de wenselijkheid van een nader onderzoek als bedoeld in artikel 5.8.5, eerste lid.

  2. Tenzij het verzoek bedoeld in artikel 5.8.5 naar zijn oordeel niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond dan wel voor toewijzing vatbaar is, wint de procureur-generaal in ieder geval advies in van de commissie indien de gewezen verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar of meer.

  3. Het advies van de commissie is openbaar. Indien de beslissing van de procureur-generaal op het in artikel 5.8.5, eerste lid, bedoelde verzoek afwijkt van het advies van de commissie, wordt in de beslissing de reden voor die afwijking vermeld.

  4. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de samenstelling, de inrichting, de bevoegdheden en de werkwijze van de in het eerste lid bedoelde commissie. De algemene maatregel van bestuur regelt in ieder geval het aantal leden, de periode gedurende welke zij zitting hebben in de commissie, de vervulling van het secretariaat en de aan de commissie ter beschikking te stellen financiële middelen. De benoeming van de leden vindt plaats door Onze Minister op voordracht van de procureur-generaal.