1. Tegen een afwijzing van haar vordering in het eindvonnis staat voor de benadeelde partij hoger beroep open indien de vordering meer dan € 1.750 bedraagt.

  2. Een op grond van het eerste lid ingesteld hoger beroep wordt, in het geval tegen het eindvonnis tevens hoger beroep is ingesteld door de verdachte of het openbaar ministerie, als een voeging in de zin van artikel 5.4.34, eerste lid, aangemerkt.

  3. Indien alleen de benadeelde partij hoger beroep heeft ingesteld tegen de beslissing op haar vordering, is ook de beslissing van de rechtbank inzake de schadevergoedingsmaatregel aan het oordeel van het gerechtshof onderworpen.