1. Er zijn gewone en buitengewone rechtsmiddelen.

  2. Gewone rechtsmiddelen zijn:

    1. een bezwaarschrift en een klaagschrift;

    2. beroep tegen een beslissing van de rechter-commissaris;

    3. hoger beroep en beroep in cassatie tegen een beslissing van de raadkamer;

    4. verzet tegen een strafbeschikking;

    5. hoger beroep tegen een vonnis;

    6. beroep in cassatie tegen een arrest.

  3. Buitengewone rechtsmiddelen zijn:

    1. beroep in cassatie in het belang van de wet;

    2. een aanvraag tot herziening ten voordele van de gewezen verdachte;

    3. een aanvraag tot herziening ten nadele van de gewezen verdachte.