1. De benadeelde partij kan zich voor de aanvang van het onderzoek op de terechtzitting met haar vordering in het strafproces voegen door het indienen van het in artikel 1.5.13 bedoelde schadeformulier bij het parket dat in dat formulier wordt vermeld. De officier van justitie die de zaak ter berechting aanbrengt, doet in de procesinleiding opgave van de voeging.

  2. Op de terechtzitting vindt de voeging plaats door de opgave van de vordering en de gronden waarop zij berust bij de rechtbank, uiterlijk voordat de officier van justitie zijn requisitoir houdt. Deze opgave kan ook mondeling worden gedaan.

  3. De benadeelde partij kan haar vordering tot de sluiting van het onderzoek op de terechtzitting intrekken.