1. Behandeling door een enkelvoudige kamer van de rechtbank kan plaatsvinden indien de zaak van eenvoudige aard is en indien het belang ervan zich daartegen niet verzet. Behandeling door een meervoudige kamer van de rechtbank vindt in ieder geval plaats indien het betreft:

    1. beroep tegen of toetsing van een beslissing van de rechter-commissaris;

    2. een vordering van het openbaar ministerie tot gevangenhouding of gevangenneming of tot de verlenging daarvan;

    3. een vordering van het openbaar ministerie strekkende tot vrijheidsbeneming voor de duur van een jaar of meer;

    4. een bezwaarschrift tegen de procesinleiding indien de berechting zal plaatsvinden door een meervoudige kamer; of

    5. een verzoek om wraking of een verzoek om verschoning.

  2. Behandeling door een enkelvoudige kamer van het gerechtshof kan plaatsvinden indien de behandeling verband houdt met een zaak die in hoger beroep door een enkelvoudige kamer zal worden berecht, wordt berecht of is berecht.

  3. Indien een beslissing moet worden genomen tijdens de berechting, vindt de behandeling in raadkamer zoveel mogelijk plaats door de rechters die met de berechting van het desbetreffende strafbare feit zijn belast.