Energiewet Laatste controle 30-03-2026, laatste wijziging 12-03-2026.

Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Energiemarkten
Afdeling 2.1 Algemene bepalingen
Afdeling 2.2 Leveren, faciliteren in peer-to peer-handel en energie delen
Paragraaf 2.2.1 Algemene voorschriften over contractuele verhouding tussen eindafnemers en leveranciers
Paragraaf 2.2.2 Aanvullende voorschriften over contractuele verhouding tussen huishoudelijk eindafnemers of micro-ondernemingen en leveranciers
Paragraaf 2.2.3 Voorschriften beëindigen van leveringsovereenkomsten en leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel
Paragraaf 2.2.4 Vergunning leveranciers voor levering aan of facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van eindafnemers met een kleine aansluiting
Paragraaf 2.2.5 Leveranciersmodel
Paragraaf 2.2.6 Energie delen
Paragraaf 2.2.7 Overige bepalingen
Afdeling 2.3 Terugleveren, faciliteren in peer-to-peer-handel en vraagrespons ten behoeve van actieve afnemers
Afdeling 2.4 Balanceren
Afdeling 2.5 Meten
Afdeling 2.6 Overige bepalingen
Hoofdstuk 3 Beheer van elektriciteits- en gassystemen
Afdeling 3.1 Aanwijzen, certificeren en erkennen van systeembeheerders
Afdeling 3.2 Inrichting en voorwaarden transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders
Afdeling 3.3 Taken transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerder
Afdeling 3.4 Verplichtingen transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerder bij taakuitoefening
Afdeling 3.5 Beheerders van bijzondere systemen
Afdeling 3.6 Tarieven, methoden en voorwaarden en overige verplichtingen ten aanzien van overeenkomsten met aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers, of balanceringsverantwoordelijken
Paragraaf 3.6.1 Tarieven algemeen
Paragraaf 3.6.2 Tariefreguleringsmethode vooraf vastgestelde tarieven
Paragraaf 3.6.3 Berekeningsmethoden overige tarieven
Paragraaf 3.6.4 Tarieven beheerders bijzondere systemen
Paragraaf 3.6.5 Overige methoden en voorwaarden
Paragraaf 3.6.6 Overige verplichtingen t.a.v. overeenkomsten met aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken
Afdeling 3.7 Ontheffingen nieuwe systemen
Hoofdstuk 4 Beheren en uitwisselen van gegevens
Hoofdstuk 5 Uitvoering, toezicht en handhaving
Hoofdstuk 6 Overige bepalingen
Hoofdstuk 7 Overgangs- en slotbepalingen

Paragraaf 3.5.2

Interconnectorsysteembeheerder

Artikel 3.88

  1. Een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit, die een interconnectorsysteem voor elektriciteit met een lidstaat of een land dat onderdeel uitmaakt van de Europese economische ruimte beheert die krachtens artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens verordening 2019/943 of andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van elektriciteit aan interconnectorsysteembeheerders zijn opgedragen.

  2. Een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit stelt op zijn systeem beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit ter beschikking.

  3. Een interconnectorsysteembeheerder voor gas die krachtens artikel 3.2, eerste lid, aanhef en onderdeel d, is aangewezen, is uit dien hoofde belast met de taken en verplichtingen die bij of krachtens verordening 715/2009 of andere bindende EU-rechtshandeling op het gebied van gas aan interconnectorsysteembeheerders zijn opgedragen.

Artikel 3.89

Ten minste de helft van de aandelen in een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit berusten direct of indirect bij de Staat der Nederlanden, waarbij onder indirect berusten van aandelen wordt verstaan dat de desbetreffende aandelen berusten bij één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de staat of bij een rechtspersoon die een volledige dochtermaatschappij is van één of meer rechtspersonen waarvan alle aandelen worden gehouden door de staat.

Artikel 3.90

  1. De artikelen 3.10, 3.24, 3.25, eerste lid, 3.75, onderdeel b, 3.76, 3.77 en 3.78 zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder», «transmissiesysteembeheerder» of «distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorbeheerder».

  2. De artikelen 3.13 en 3.14, vierde en zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit».

  3. De artikelen 3.16, 3.47, eerste lid, en 3.81 zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor gas, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor gas».

← terug naar Energiewet