-
Een aangeslotene sluit voor het afnemen van elektriciteit of gas van een transmissie- of distributiesysteem met het oog op het verbruik daarvan een leveringsovereenkomst of een leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer handel.
-
Een eindafnemer is vrij een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel te sluiten met een leverancier van zijn keuze.
-
Een actieve afnemer is vrij een aggregatieovereenkomst te sluiten met een marktdeelnemer van zijn keuze.
Energiewet Laatste controle 29-03-2026, laatste wijziging 12-03-2026.
Inhoud
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2 Energiemarkten
Afdeling 2.1 Algemene bepalingen
Afdeling 2.2 Leveren, faciliteren in peer-to peer-handel en energie delen
Paragraaf 2.2.1 Algemene voorschriften over contractuele verhouding tussen eindafnemers en leveranciers
Paragraaf 2.2.2 Aanvullende voorschriften over contractuele verhouding tussen huishoudelijk eindafnemers of micro-ondernemingen en leveranciers
Paragraaf 2.2.3 Voorschriften beëindigen van leveringsovereenkomsten en leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel
Paragraaf 2.2.4 Vergunning leveranciers voor levering aan of facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van eindafnemers met een kleine aansluiting
Paragraaf 2.2.5 Leveranciersmodel
Paragraaf 2.2.6 Energie delen
Paragraaf 2.2.7 Overige bepalingen
Afdeling 2.3 Terugleveren, faciliteren in peer-to-peer-handel en vraagrespons ten behoeve van actieve afnemers
Afdeling 2.4 Balanceren
Afdeling 2.5 Meten
Paragraaf 2.5.1 Algemene bepalingen
Paragraaf 2.5.2 Verplichtingen meetverantwoordelijke partijen
Paragraaf 2.5.3 Verplichtingen voor anderen dan meetverantwoordelijke partijen
Afdeling 2.6 Overige bepalingen
Paragraaf 2.6.1 Garanties van oorsprong
Paragraaf 2.6.2 Beperken gebruik laagcalorisch gas
Paragraaf 2.6.3 Overige bepalingen
Hoofdstuk 3 Beheer van elektriciteits- en gassystemen
Afdeling 3.1 Aanwijzen, certificeren en erkennen van systeembeheerders
Afdeling 3.2 Inrichting en voorwaarden transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders
Paragraaf 3.2.1 Inrichtingseisen en voorwaarden voor transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders
Paragraaf 3.2.2 Voorwaarden en samenwerking infrastructuurgroep
Afdeling 3.3 Taken transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerder
Paragraaf 3.3.1 Taken algemeen
Paragraaf 3.3.2 Taken inzake beheren, onderhouden en ontwikkelen
Paragraaf 3.3.3 Taken inzake aansluiten
Paragraaf 3.3.4 Taken inzake transporteren
Paragraaf 3.3.5 Taken inzake balanceren
Paragraaf 3.3.6 Taken inzake meten
Paragraaf 3.3.7 Overige en ondersteunende taken
Paragraaf 3.3.8 Bijzondere taken voor de transmissiesysteembeheerder voor gas
Paragraaf 3.3.9 Tijdelijke taken
Afdeling 3.4 Verplichtingen transmissiesysteembeheerder en distributiesysteembeheerder bij taakuitoefening
Afdeling 3.5 Beheerders van bijzondere systemen
Paragraaf 3.5.1 Beheerder van het transmissiesysteem voor elektriciteit op zee
Paragraaf 3.5.2 Interconnectorsysteembeheerder
Paragraaf 3.5.3 LNG-beheerder
Paragraaf 3.5.4 Gasopslagbeheerder
Paragraaf 3.5.5 Beheerder gesloten systeem
Afdeling 3.6 Tarieven, methoden en voorwaarden en overige verplichtingen ten aanzien van overeenkomsten met aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers, of balanceringsverantwoordelijken
Paragraaf 3.6.1 Tarieven algemeen
Paragraaf 3.6.2 Tariefreguleringsmethode vooraf vastgestelde tarieven
Paragraaf 3.6.3 Berekeningsmethoden overige tarieven
Paragraaf 3.6.4 Tarieven beheerders bijzondere systemen
Paragraaf 3.6.5 Overige methoden en voorwaarden
Paragraaf 3.6.6 Overige verplichtingen t.a.v. overeenkomsten met aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken
Afdeling 3.7 Ontheffingen nieuwe systemen
Hoofdstuk 4 Beheren en uitwisselen van gegevens
Afdeling 4.1 Gegevens en processen
Afdeling 4.2 Registers
Afdeling 4.3 Taken van de gegevensuitwisselingsentiteit
Afdeling 4.4 Overleg en afspraken
Hoofdstuk 5 Uitvoering, toezicht en handhaving
Afdeling 5.1 Uitvoering door Autoriteit Consument en Markt
Afdeling 5.2 Uitvoering door Onze Minister
Afdeling 5.3 Toezicht op de naleving
Afdeling 5.4 Handhaving
Afdeling 5.5 Verstrekken en gebruiken gegevens en inlichtingen
Afdeling 5.6 Retributies
Hoofdstuk 6 Overige bepalingen
Afdeling 6.1 Projectbesluit
Afdeling 6.2 Investeringstoetsen
Afdeling 6.3 Beleid en advisering energiesysteem
Paragraaf 6.3.1 Nationaal plan energiesysteem
Paragraaf 6.3.2 Raad voor Energie
Afdeling 6.4 Parlementaire betrokkenheid bij gedelegeerde regelgeving
Afdeling 6.5 Verhoudingen andere wetten
Afdeling 6.6 Overige bepalingen
Hoofdstuk 7 Overgangs- en slotbepalingen
Afdeling 7.1 Wijziging andere wetten
Afdeling 7.2 Overgangsrecht
- Artikel 7.21
- Artikel 7.22
- Artikel 7.23
- Artikel 7.24
- Artikel 7.25
- Artikel 7.26
- Artikel 7.27
- Artikel 7.28
- Artikel 7.29
- Artikel 7.30
- Artikel 7.31
- Artikel 7.32
- Artikel 7.33
- Artikel 7.34
- Artikel 7.35
- Artikel 7.36
- Artikel 7.37
- Artikel 7.38
- Artikel 7.39
- Artikel 7.40
- Artikel 7.41
- Artikel 7.42
- Artikel 7.43
- Artikel 7.44
- Artikel 7.45
- Artikel 7.46
- Artikel 7.47
- Artikel 7.48
- Artikel 7.49
- Artikel 7.50
- Artikel 7.51
- Artikel 7.52
- Artikel 7.53
Afdeling 7.3 Slotbepalingen
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
-
Een eindafnemer van elektriciteit of actieve afnemer die op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst sluit inzake levering, teruglevering of facilitering in peer-to-peer-handel, draagt er zorg voor dat:
hij op of nabij het overdrachtspunt van zijn aansluiting beschikt over een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt;
overeenkomstig artikel 3.44, derde lid, aan zijn aansluiting voldoende additionele allocatiepunten zijn toegekend, opdat elke gecontracteerde marktdeelnemer actief kan zijn op een eigen allocatiepunt; en
de afname of invoeding ten behoeve van elke gecontracteerde marktdeelnemer kan worden vastgesteld op basis van meetgegevens die tot stand komen met behulp van meetinrichtingen die voldoen aan het bepaalde krachtens artikel 2.46, derde lid.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de voorwaarden waaronder een eindafnemer of actieve afnemer op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst kan sluiten.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, het verbruik kan worden toegerekend op basis van afspraken tussen marktdeelnemers, indien deze afspraken voldoen aan de bij die maatregel vast te stellen voorwaarden.
Artikel 2.3
-
Het is een marktdeelnemer verboden een eindafnemer of actieve afnemer:
ervan te weerhouden elektriciteit te produceren met het oog op eigen verbruik, opslag, verkoop of levering aan derden, of actief te zijn op het gebied van flexibiliteit of energie-efficiëntie,
ervan te weerhouden te participeren in een energiegemeenschap;
ervan te weerhouden een recht uit te oefenen dat hem op grond van artikel 2.1, tweede of derde lid toekomt;
ervan te weerhouden op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer overeenkomsten te sluiten als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid; of
te benadelen omdat hij activiteiten als bedoeld in de onderdelen a, b of d, onderneemt of een recht als bedoeld in onderdeel c uitoefent.
-
Bepalingen in overeenkomsten met eindafnemers of actieve afnemers die strijdig zijn met één of meerdere van de in het eerste lid genoemde verboden zijn vernietigbaar.
Artikel 2.4
-
Een energiegemeenschap neemt in haar statuten, of, in geval van een personenvennootschap, in een overeenkomst, ten minste op dat:
de participatie in de energiegemeenschap open en vrijwillig is;
de leden, vennoten, of aandeelhouders het recht hebben de energiegemeenschap te verlaten; en
de feitelijke zeggenschap over de energiegemeenschap is gelegen bij leden, vennoten of aandeelhouders die natuurlijk personen, micro-ondernemingen, kleine ondernemingen, gemeenten, waterschappen, provincies of gemeenschappelijke regelingen zijn.
-
Een energiegemeenschap die hernieuwbare energieprojecten ontwikkelt, kan:
in aanvulling op het eerste lid, in de statuten of de overeenkomst opnemen dat de leden, vennoten of aandeelhouders van de energiegemeenschap enkel natuurlijk personen, gemeenten, waterschappen, provincies, gemeenschappelijke regelingen of micro-ondernemingen, kleine ondernemingen of middelgrote ondernemingen zijn;
in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, de feitelijke zeggenschap over de energiegemeenschap bij die leden, vennoten of aandeelhouders van de rechtspersoon leggen, die in de nabije omgeving van de hernieuwbare-energieprojecten zijn gevestigd; en
in haar statuten bepalen dat de deelnemende leden, vennoten of aandeelhouders een gelijk stemrecht hebben.
Artikel 2.5
-
Een leverancier die elektriciteit of gas levert aan een eindafnemer levert tegen transparante en redelijke prijzen alsmede onder transparante en redelijke voorwaarden.
-
Een prijs is niet redelijk indien die prijs:
onevenredig hoog is gezien de kosten van de leverancier, en
niet concurrerend is.
-
Een leverancier die elektriciteit of gas levert aan een eindafnemer presenteert zijn prijzen en voorwaarden op een dusdanige wijze dat eindafnemers in staat zijn prijzen en voorwaarden van verschillende leveranciers te vergelijken.
-
Een leverancier die ten behoeve van een eindafnemer faciliteert in peer-to-peer-handel handelt tegen transparante kosten alsmede onder transparante en redelijke voorwaarden.
-
Een leverancier die faciliteert in peer-to-peer-handel draagt er zorg voor dat de hoeveelheid elektriciteit die op grond van door hem gesloten leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel wordt geleverd aan eindafnemers over de periode van een jaar niet groter is dan de hoeveelheid elektriciteit die op grond van door hem gesloten terugleveringsovereenkomsten inzake peer-to-peer-handel in dat jaar wordt teruggeleverd door actieve afnemers.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de voorwaarden aan leveranciers in het eerste tot en met vijfde lid.
Artikel 2.6
-
Een leverancier levert een eindafnemer elektriciteit of gas op basis van een leveringsovereenkomst.
-
Een leverancier faciliteert in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer op basis van een leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel.
-
Een leverancier draagt er zorg voor dat de overeenkomst met een eindafnemer:
transparant en volledig is;
is gesteld in begrijpelijke taal; en
voor het sluiten ervan wordt verstrekt aan de eindafnemer.
-
Een leverancier verstrekt een eindafnemer voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst een samenvatting van de belangrijkste voorwaarden uit de overeenkomst in begrijpelijke taal.
-
Een leverancier registreert bij het sluiten van de overeenkomst of deze gesloten is met een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:
de inhoud van de overeenkomsten;
het wijzigen en opzeggen van de overeenkomsten;
de registratieplicht, bedoeld in het vijfde lid;
de informatie die de leverancier een eindafnemer verstrekt over de energiebronnen bij levering van elektriciteit of gas uit hernieuwbare bronnen en de wijze waarop deze wordt verstrekt;
overige informatie die een leverancier een eindafnemer al dan niet periodiek en al dan niet kosteloos verstrekt en de wijze waarop deze wordt verstrekt.
Artikel 2.7
-
Een leverancier verstrekt zijn eindafnemers periodiek en kosteloos facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen, waarin de gegevens inzake de geleverde elektriciteit of het geleverde gas op transparante en begrijpelijke wijze is weergegeven.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:
de inhoud en inrichting van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen;
de frequentie van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen;
het verstrekken van gegevens aan de eindafnemer over het verbruik van elektriciteit of gas;
het toesturen van facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen;
de omstandigheden waarin en termijnen waarbinnen een leverancier de facturen, factureringsinformatie en informatie over energiebronnen verstrekt.
-
De informatie over energiebronnen ten aanzien van elektriciteit wordt onderbouwd door middel van garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, eerste, tweede of vierde lid.
-
De informatie over energiebronnen ten aanzien van gas uit hernieuwbare bronnen wordt onderbouwd door middel van garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, derde lid.
Artikel 2.8
-
Een leverancier voorziet in een transparante, kosteloze en eenvoudige interne procedure voor de behandeling van klachten van zijn eindafnemers.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld, die kunnen verschillen per type eindafnemer, over:
de voorwaarden en inrichting waaraan de klachtenprocedure moet voldoen;
de termijnen die gelden voor de klachtenprocedure.
Artikel 2.9
-
Een leverancier, niet zijnde een leverancier die faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, met meer dan 200.000 eindafnemers, biedt eindafnemers die beschikken over een meetinrichting waarvan communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt desgevraagd een leveringsovereenkomst aan, waarin de prijsvariatie op de spotmarkten wordt weerspiegeld en waarbij de intervallen gelijk of groter zijn aan de marktvereffeningsperiode van die markten.
-
De leverancier verstrekt een eindafnemer voorafgaand aan het sluiten van een leveringsovereenkomst als bedoeld in het eerste lid, informatie over de mogelijkheden, kosten en risico's van deze overeenkomsten.
Artikel 2.10
Een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel met een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming, die niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens artikel 2.6, derde, vierde en zesde lid, is vernietigbaar.
Artikel 2.11
-
Het Nederlands recht is van toepassing op een overeenkomst tussen een leverancier en een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming.
-
De Nederlandse rechter is bij uitsluiting bevoegd kennis te nemen van geschillen over een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel.
-
Een beding in een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel dat in strijd is met het eerste of tweede lid, is nietig.
Artikel 2.12
-
Afdeling 3a van titel 3 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is van overeenkomstige toepassing op een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel tussen een leverancier en een micro-onderneming.
-
De artikelen 236 en 237 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek zijn mede van toepassing op voorwaarden in een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel tussen een leverancier en een micro-ondernemer.
Artikel 2.13
Als een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel eindigt, verstrekt de leverancier de eindafnemer binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn een eindafrekening.
Artikel 2.14
-
Als een eindafnemer overstapt naar een andere leverancier, zorgt de nieuwe leverancier ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de leverancier de overstap realiseert.
Artikel 2.15
-
Een leverancier kan een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming voor de opzegging van een leveringsovereenkomst of leveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel door die eindafnemer alleen een opzegvergoeding in rekening brengen, indien het een tussentijdse opzegging betreft van een overeenkomst voor bepaalde duur en een vooraf of tijdens de overeenkomst vast overeengekomen prijs of vast overeengekomen kosten, en de opzegvergoeding in de overeenkomst is opgenomen.
-
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de voorwaarden en de hoogte van de opzegvergoeding.
Artikel 2.16
Een leverancier brengt met betrekking tot een overstap van een huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming, buiten de eventueel op grond van artikel 2.15 in rekening te brengen kosten geen andere kosten in rekening.
Artikel 2.17
-
Het is verboden zonder vergunning als bedoeld in artikel 2.18, derde lid, elektriciteit of gas te leveren aan een eindafnemer met een kleine aansluiting of te faciliteren in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting.
-
In afwijking van het eerste lid:
mag een energiegemeenschap die elektriciteit of gas produceert deze leveren zonder vergunning, indien:
- 1°
de energiegemeenschap over de periode van een jaar niet meer elektriciteit of gas levert dan ze op jaarbasis invoedt op het systeem;
- 2°
wordt geleverd aan eindafnemers met een kleine aansluiting die leden of aandeelhouders van de energiegemeenschap zijn; en
- 3°
de energiegemeenschap niet meer leden of afzonderlijke aandeelhouders heeft dan een bij ministeriële regeling vast te stellen aantal;
- 1°
mag een actieve afnemer met een kleine aansluiting die elektriciteit produceert, deze zonder vergunning leveren, indien hij over de periode van een jaar niet meer elektriciteit levert dan hij zelf invoedt op het systeem;
mag een leverancier zonder vergunning leveren dan wel faciliteren in peer-to-peer-handel indien er sprake is van een overeenkomst met een groep eindafnemers, waarbij:
- 1°
de meerderheid van de in de groep participerende eindafnemers rechtspersoon is of handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf;
- 2°
de in de groep participerende eindafnemers onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben;
- 3°
de vertegenwoordiger beschikt over toestemming tot vertegenwoordiging van de bij de overeenkomst betrokken eindafnemers; en
- 4°
de eindafnemers met een kleine aansluiting voorafgaand aan het sluiten van de leveringsovereenkomst door de vertegenwoordiger, bedoeld onder 3°, zijn gewezen op de gevolgen voor hun rechtspositie en zij uitdrukkelijk met die gevolgen hebben ingestemd;
- 1°
mag een producent van elektriciteit of gas zonder vergunning leveren aan een eindafnemer met een kleine aansluiting indien die eindafnemer een dochtermaatschappij in de zin van artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek is van die producent;
mag een leverancier elektriciteit of gas zonder vergunning leveren aan eindafnemers met een kleine aansluiting die zijn aangesloten op een gesloten systeem;
mag een buiten Nederland gevestigde leverancier zonder vergunning elektriciteit of gas leveren aan of zonder vergunning faciliteren in peer-to-peer-handel ten behoeve van ten hoogste 500 eindafnemers met een kleine aansluiting die gevestigd zijn in gebieden aan de Nederlandse landsgrens.
Artikel 2.18
-
Een leverancier die krachtens artikel 2.17 vergunningplichtig is, beschikt over de benodigde organisatorische, financiële en technische kwaliteiten alsmede over voldoende deskundigheid en is tevens aangesloten bij een instantie voor buitengerechtelijke geschilbeslechting.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de vereisten, bedoeld in het eerste lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt verleent een leverancier op aanvraag een vergunning als hij voldoet aan de eisen, gesteld bij of krachtens het eerste en tweede lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een vergunning.
-
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
de voorwaarden waaraan een aanvraag moet voldoen;
de procedure voor de aanvraag van een vergunning;
de informatie die de vergunninghouder na het verlenen van de vergunning al dan niet periodiek moet verstrekken.
-
De leverancier namens wie of voor wie personen of instanties overeenkomsten afsluiten draagt er zorg voor dat deze personen of instanties beschikken over de kwaliteiten en deskundigheid die voor de leverancier gelden. Bij ministeriële regeling kunnen ten aanzien van deze personen of instanties tevens aanvullende regels gesteld worden in verband met specifieke kenmerken van het namens of voor de leverancier afsluiten van overeenkomsten.
Artikel 2.19
-
De Autoriteit Consument en Markt kan een vergunning wijzigen of intrekken indien:
de vergunninghouder niet voldoet aan één of meer bij of krachtens deze wet of de artikelen 193b tot en met 193j van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek opgelegde verplichtingen;
de vergunninghouder dit verzoekt;
de vergunninghouder de in de vergunning opgenomen voorschriften of opgelegde beperkingen niet nakomt;
de houder van de vergunning bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
de vergunninghouder om andere redenen niet langer in staat moet worden geacht de vergunde activiteit of in de vergunning opgenomen voorschriften na te komen.
-
In de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en c tot en met e, kan de Autoriteit Consument en Markt ter bescherming van eindafnemers met een kleine aansluiting de vergunninghouder bij beschikking een verbod opleggen om aan eindafnemers met een kleine aansluiting een leveringsovereenkomst aan te bieden gedurende een bij die beschikking aan te geven termijn.
Artikel 2.20
-
Een vergunning kan worden geweigerd of ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
-
Voordat toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd.
Artikel 2.21
-
Een vergunning kan met inachtneming van de vereisten, gesteld bij of krachtens artikel 2.18, eerste of tweede lid, slechts worden overgedragen met toestemming van de Autoriteit Consument en Markt.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voorwaarden voor en de procedure bij het overdragen van een vergunning als bedoeld in het eerste lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt kan de toestemming weigeren of intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
-
Indien een vergunning wordt overgedragen, neemt de overnemende vergunninghouder alle leveringsovereenkomsten en leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peerhandel over die de overdragende vergunninghouder met eindafnemers met een kleine aansluiting heeft gesloten. In afwijking van het eerste lid van artikel 159 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is medewerking van de eindafnemer niet vereist.
Artikel 2.22
Een vergunninghouder, niet zijnde een vergunninghouder die enkel faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, doet een aanbod tot levering van elektriciteit of gas aan iedere eindafnemer met een kleine aansluiting, die daarom verzoekt.
Artikel 2.23
-
Een vergunninghouder, niet zijnde een vergunninghouder die enkel faciliteert in peer-to-peer-handel of een energiegemeenschap, is verplicht om aan eindafnemers met een kleine aansluiting naast eventuele andere vrije contractvormen, levering volgens de modelcontracten, bedoeld in het tweede lid, aan te bieden.
-
De Autoriteit Consument en Markt stelt ter bescherming van de belangen van eindafnemers met een kleine aansluiting een modelcontract vast:
voor een bepaalde tijd van tenminste twaalf maanden met vaste tarieven; en
voor een onbepaalde tijd met variabele tarieven.
-
Het modelcontract bedoeld in tweede lid, onderdeel a, ziet ook op invoeding van elektriciteit als bedoeld in artikel 2.31.
Artikel 2.24
De vergunninghouder doet, indien hij voorziet of behoort te voorzien dat hij niet langer in staat zal zijn om zijn plicht tot levering van elektriciteit of gas aan zijn eindafnemers met een kleine aansluiting na te komen, daarvan onverwijld mededeling aan de transmissiesysteembeheerder en aan de Autoriteit Consument en Markt.
Artikel 2.25
-
Ingeval van intrekking van een vergunning of faillissement van een vergunninghouder kunnen leveringsovereenkomsten of leveringsovereenkomsten inzake peer-to-peerhandel die de vergunninghouder heeft gesloten met eindafnemers met een kleine aansluiting binnen een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn worden overgedragen aan een andere vergunninghouder. In afwijking van het eerste lid van artikel 159 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is medewerking van de eindafnemer niet vereist. Een eindafnemer met een kleine aansluiting is gedurende een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn niet bevoegd zijn geldende overeenkomst met de vergunninghouder wiens vergunning wordt ingetrokken dan wel die in faillissement verkeert, op te zeggen.
-
De Autoriteit Consument en Markt wijst na een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn een of meer vergunninghouders aan die de levering van elektriciteit of gas overeenkomstig het derde en vierde lid voortzetten aan de eindafnemers met een kleine aansluiting die nog een overeenkomst hebben met de vergunninghouder wiens vergunning wordt ingetrokken dan wel die in faillissement verkeert, volgens een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen wijze van verdeling van de eindafnemers over de aangewezen vergunninghouders.
-
Vanaf het moment dat het besluit van de Autoriteit Consument en Markt, bedoeld in het tweede lid, in werking treedt worden de overeenkomsten, bedoeld in het eerste lid, die niet aan een andere vergunninghouder zijn overgedragen geacht te zijn beëindigd, en is de aangewezen vergunninghouder jegens een hem toebedeelde eindafnemer gehouden tot levering van elektriciteit of gas en is de eindafnemer voor die levering een vergoeding verschuldigd.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:
de verstrekking van gegevens over de eindafnemers, die voor de overdracht van overeenkomsten als bedoeld in het eerste lid noodzakelijk zijn, door de vergunninghouder of de curator in diens faillissement aan bij die maatregel aan te wijzen partijen;
de termijn waarbinnen en de voorwaarden waaronder de verplichtingen, bedoeld in het derde lid, worden uitgevoerd;
de inkoopovereenkomsten van vergunninghouders om de leveringszekerheid te verzekeren.
Artikel 2.26
-
Een vergunninghouder neemt preventieve maatregelen om het beëindigen van levering aan of de facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting wegens wanbetaling zoveel mogelijk te voorkomen.
-
Een vergunninghouder beëindigt de levering aan of de facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van een eindafnemer met een kleine aansluiting niet, behoudens in bij ministeriële regeling te bepalen gevallen of onder bij die regeling te bepalen voorwaarden. De regeling voorziet in waarborgen voor de bescherming van kwetsbare afnemers.
-
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over:
de maatregelen die een vergunninghouder neemt om betalingsachterstanden te verhelpen of te voorkomen, waaronder de verstrekking van bepaalde gegevens over de eindafnemer aan aan te wijzen instanties;
het beperken, opschorten, beëindigen of hervatten van de levering aan of facilitering in peer-to-peer-handel ten behoeve van eindafnemers met een kleine aansluiting.
Artikel 2.27
-
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, factureert en int de voor deze aansluiting aan een distributiesysteembeheerder periodiek verschuldigde tarieven. De leverancier brengt hiervoor geen kosten in rekening aan de distributiesysteembeheerder.
-
De betaling door een aangeslotene aan de leverancier van overeenkomstig het eerste lid gefactureerde bedragen, geldt als bevrijdende betaling.
-
Rechtsvorderingen tot betaling van de door de leverancier overeenkomstig het eerste lid gefactureerde bedragen verjaren door verloop van twee jaren. Indien de leverancier een vordering tot betaling van de factuur, bedoeld in het eerste lid, niet heeft gedaan binnen twee jaar nadat de vordering opeisbaar is geworden, vervalt het recht om voor de betreffende dienst bij deze aangeslotene te factureren.
-
De leverancier draagt per periode de overeenkomstig het eerste lid gefactureerde of te factureren bedragen af aan de desbetreffende distributiesysteembeheerder.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:
de administratie die een leverancier bijhoudt in verband met de uitvoering van het eerste lid;
de omvang en het moment van de afdracht, bedoeld in het vierde lid, ten behoeve van een gelijkmatige afdracht aan de distributiesysteembeheerders.
Artikel 2.28
-
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, faciliteert bij de totstandkoming, wijziging en opzegging van een aansluit- of transportovereenkomst tussen een distributiesysteembeheerder en de aangeslotene en de informatieverstrekking tussen beide partijen.
-
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de facilitering, bedoeld in het eerste lid, en de informatie die de leverancier in dat kader verstrekt aan de aangeslotene of de distributiesysteembeheerder.
Artikel 2.29
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorend bij een kleine aansluiting, zendt klachten of vragen van de aangeslotene over het systeembeheer onverwijld door naar de systeembeheerder op wie de klacht of vraag betrekking heeft, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de eindafnemer.
Artikel 2.30
-
Een actieve afnemer of een aangeslotene binnen een energiegemeenschap heeft het recht om energie te delen, indien:
de actieve afnemer of energiegemeenschap een overeenkomst inzake energie delen sluit met een leverancier die energie delen aanbiedt;
elke actieve afnemer of aangeslotene binnen de energiegemeenschap met de onder a bedoelde leverancier een leverings- of terugleveringsovereenkomst heeft;
elke actieve afnemer of aangeslotene binnen de energiegemeenschap beschikt over een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt; en
de elektriciteit gedeeld wordt per onbalansverrekeningsperiode.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de lokaliteit waarop energie gedeeld mag worden.
Artikel 2.31
-
Als een eindafnemer met een kleine aansluiting hernieuwbare elektriciteit produceert en hij geen terugleveringsovereenkomst heeft gesloten met een andere marktdeelnemer dan zijn leverancier, en voor zover die elektriciteit niet is gedeeld met een andere eindafnemer, berekent de leverancier het verbruik ten behoeve van de facturering en inning van de leveringskosten door de aan het systeem onttrokken elektriciteit te verminderen met de op het systeem ingevoede elektriciteit, waarbij de vermindering maximaal de hoeveelheid aan het systeem onttrokken elektriciteit bedraagt.
-
Als een eindafnemer met een kleine aansluiting niet-hernieuwbare elektriciteit produceert en hij geen terugleveringsovereenkomst heeft gesloten met een andere marktdeelnemer dan zijn leverancier, en voor zover die elektriciteit niet is gedeeld met een andere eindafnemer, berekent de leverancier het verbruik ten behoeve van de facturering en inning van de leveringskosten door de aan het systeem onttrokken elektriciteit te verminderen met de op het systeem ingevoede elektriciteit, met een maximum van 5.000 kWh aan op het systeem ingevoede elektriciteit, voor zover het saldo van de aan het systeem onttrokken minus de op het systeem ingevoede elektriciteit niet minder dan nul bedraagt.
-
Als de door de eindafnemer op het systeem ingevoede hoeveelheid elektriciteit groter is dan de hoeveelheid die ingevolge het eerste of tweede lid in mindering wordt gebracht op de door die leverancier geleverde elektriciteit, betaalt de leverancier aan de betreffende eindafnemer voor het meerdere een redelijke vergoeding. De redelijke vergoeding voor hernieuwbare elektriciteit kan niet worden vastgesteld op een negatief bedrag.
-
Indien aan de aansluiting meerdere allocatiepunten zijn toegekend, is het eerste tot en met derde lid van toepassing op een leverancier die levert op een allocatiepunt dat direct verbonden is met het overdrachtspunt en waaraan door de distributiesysteembeheerder zowel afname als invoeding wordt toegewezen.
-
Artikel 2.5, eerste, derde en zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op de vergoeding en voorwaarden waaronder de elektriciteit wordt ingevoed, met dien verstande dat de hoogte van de vergoeding wordt bepaald overeenkomstig het derde lid.
Artikel 2.32
-
Een leverancier bewaart zijn administratie inzake overeenkomsten met eindafnemers, handelaren of transmissiesysteembeheerders en elektriciteitsderivaten met handelaren of transmissiesysteembeheerders gedurende een periode van vijf jaar en houdt deze gedurende die periode ter beschikking voor de Autoriteit Consument en Markt en de Europese Commissie.
-
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over exacte gegevens die vallen onder de bewaarplicht, bedoeld in het eerste lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt kan informatie uit de administratie van een leverancier ter beschikking te stellen aan een marktdeelnemer indien ten aanzien van de administratie van leveranciers van elektriciteit is voldaan aan artikel 64, derde lid, van richtlijn 2019/944 en van leveranciers van gas is voldaan aan artikel 44, derde lid, van richtlijn 2009/73.
Artikel 2.33
-
Op een actieve afnemer als bedoeld in artikel 2.17, tweede lid, onderdeel b, is artikel 2.8 en artikel 2.32 niet van toepassing.
-
Op een actieve afnemer die elektriciteit levert aan een eindafnemer via een marktdeelnemer die faciliteert in peer-to-peer-handel is afdeling 2.2 niet van toepassing.
Artikel 2.34
-
Een marktdeelnemer neemt elektriciteit af van een actieve afnemer op basis van een terugleveringsovereenkomst.
-
Een marktdeelnemer faciliteert in peer-to-peer-handel ten behoeve van een actieve afnemer op basis van een terugleveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel.
-
Een marktdeelnemer levert een vraagresponsdienst aan een actieve afnemer op basis van een vraagresponsovereenkomst.
-
Een marktdeelnemer die een aggregatieovereenkomst sluit, draagt er zorg voor dat deze overeenkomst:
transparant en volledig is;
is gesteld in begrijpelijke taal; en
voor het sluiten ervan wordt verstrekt aan de actieve afnemer.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:
de inhoud van de overeenkomsten;
het wijzigen en opzeggen van de overeenkomsten;
informatie die een marktdeelnemer een actieve afnemer al dan niet periodiek en al dan niet kosteloos verstrekt en de wijze waarop deze wordt verstrekt.
Artikel 2.35
-
Een marktdeelnemer die met een actieve afnemer een aggregatieovereenkomst heeft gesloten, verstrekt die afnemer periodiek en kosteloos een factuur en informeert hem periodiek en kosteloos over de teruggeleverde elektriciteit of verandering van zijn verbruik.
-
De informatie is op begrijpelijke en transparante wijze weergegeven.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:
de informatie die wordt verstrekt;
wijze waarop de facturen en informatie worden verstrekt;
de frequentie van de facturering en informatieverstrekking.
Artikel 2.36
-
Een marktdeelnemer die aan aggregatie doet voorziet in een transparante, kosteloze en eenvoudige interne procedure voor de behandeling van klachten van zijn actieve afnemers.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld, die kunnen verschillen per type afnemer, over:
de voorwaarden en inrichting waaraan de klachtenprocedure moet voldoen;
de termijnen die gelden voor de klachtenprocedure.
Artikel 2.37
-
Het Nederlands recht is van toepassing op een aggregatieovereenkomst met een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of micro-onderneming is.
-
De Nederlandse rechter is bij uitsluiting bevoegd kennis te nemen van geschillen over aggregatieovereenkomsten met een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of micro-onderneming is.
-
Een beding in een aggregatieovereenkomst dat strijdig is met het eerste of tweede lid, is nietig.
Artikel 2.38
Als een aggregatieovereenkomst eindigt, verstrekt de marktdeelnemer die partij was bij die overeenkomst, de actieve afnemer binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn een eindafrekening.
Artikel 2.39
-
Een marktdeelnemer kan een actieve afnemer die tevens huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming is, voor de opzegging van een aggregatieovereenkomst door die actieve afnemer, alleen een opzegvergoeding in rekening brengen, indien het een tussentijdse opzegging betreft van een aggregatieovereenkomst voor bepaalde duur en een vast overeengekomen prijs of vast overeengekomen kosten, en de opzegvergoeding in de aggregatieovereenkomst is opgenomen.
-
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de voorwaarden en de hoogte van de vergoeding.
Artikel 2.40
-
Als een actieve afnemer overstapt naar een andere marktdeelnemer aan wie hij teruglevert, die ten behoeve van hem faciliteert in peer-to-peer-handel, of die hem vraagresponsdiensten levert, zorgt de nieuwe marktdeelnemer ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de nieuwe marktdeelnemer de overstap realiseert.
-
De nieuwe marktdeelnemer brengt voor een overstap van een actieve afnemer of groep actieve afnemers, die tevens huishoudelijk eindafnemer of een micro-onderneming is of zijn, buiten de eventueel op grond van artikel 2.39 in rekening te brengen kosten, geen andere kosten in rekening.
Artikel 2.41
-
Een marktdeelnemer die op een allocatiepunt niet tevens de leverancier is, levert op dat allocatiepunt geen vraagresponsdiensten, tenzij met de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit op dat allocatiepunt een overeenkomst op basis van het aanbod, bedoeld in het tweede lid is gesloten.
-
Als een marktdeelnemer met een actieve afnemer ten aanzien van een allocatiepunt een vraagresponsovereenkomst heeft gesloten, doet de balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit op dat allocatiepunt, al dan niet in samenspraak met de leverancier op dat allocatiepunt de marktdeelnemer die vraagresponsdiensten levert op diens verzoek een redelijk aanbod inzake de financiële compensatie en de voorwaarden voor de aanpassing van het elektriciteitsprogramma als gevolg van de vraagrespons, over de vergoeding van eventuele onbalanskosten die hierdoor ontstaan en de uitwisseling van relevante gegevens.
-
Marktdeelnemers passen bij de berekening van de financiële compensatie een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen berekeningsmethode toe, waarbij zowel rekening wordt gehouden met de ingekochte maar door vraagrespons niet verkochte elektriciteit als de niet ingekochte maar door vraagrespons extra verkochte elektriciteit.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over:
de uitgangspunten waaraan een berekeningsmethode ten minste moet voldoen;
de inhoud van het aanbod, bedoeld in het tweede lid;
de termijn waarbinnen een redelijk aanbod moet worden gedaan.
-
Het eerste lid is niet van toepassing indien een markdeelnemer die vraagresponsdiensten levert, optreedt als aanbieder van diensten aan de transmissie- of distributiesysteembeheerder van elektriciteit in verband met systeembehoeften.
Artikel 2.42
-
De marktdeelnemer die door een aangeslotene is gecontracteerd op een allocatiepunt, draagt er zorg voor dat er overeenkomstig artikel 5 van verordening 2019/943 een balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit actief is op dat allocatiepunt.
-
Een producent of actieve afnemer die niet via een marktdeelnemer elektriciteit verkoopt, of een eindafnemer die niet via een marktdeelnemer elektriciteit koopt, is er zelf verantwoordelijk voor dat er overeenkomstig artikel 5 van verordening 2019/943 een balanceringsverantwoordelijke voor elektriciteit actief is op het betreffende allocatiepunt.
Artikel 2.43
-
Een aangeslotene met een grote aansluiting op een transmissie- of distributiesysteem voor gas, of een marktdeelnemer namens die aangeslotene, sluit met het oog op het afnemen of invoeden van gas een overeenkomst met een netgebruiker om transportcapaciteit te boeken op het transmissiesysteem voor gas.
-
In afwijking van het eerste lid draagt bij een gasopslagsysteem, een LNG-systeem, een interconnectorsysteem voor gas of een gasproductienet, de gebruiker van deze systemen of leidingen, of een marktdeelnemer namens deze gebruiker, er zorg voor dat een netgebruiker transportcapaciteit boekt op het transmissiesysteem voor gas met het oog op de invoeding of afname van gas op het transmissiesysteem van gas.
-
Voor een aangeslotene met een kleine aansluiting op een distributiesysteem voor gas draagt de door de aangeslotene gecontracteerde leverancier er zorg voor dat een netgebruiker transportcapaciteit boekt op het transmissiesysteem voor gas met het oog op de levering van gas aan deze aangeslotene.
-
De netgebruiker, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, is de balanceringsverantwoordelijke voor gas op het aan die aansluiting toegekende allocatiepunt, dan wel, indien van toepassing, voor het door hem gecontracteerde deel van het aan het gasopslagsysteem, LNG-systeem, interconnectorsysteem voor gas of gasproductienet toegekende allocatiepunt.
Artikel 2.44
Als gas binnen het transmissiesysteem voor gas wordt overgedragen naar een andere balanceringsportfolio dan vindt deze overdracht plaats op een virtueel handelspunt op dat systeem.
Artikel 2.45
-
Als een aangeslotene, marktdeelnemer of gebruiker als bedoeld in artikel 2.43, tweede lid, kiest voor een andere balanceringsverantwoordelijke, zorgt de nieuw gecontracteerde balanceringsverantwoordelijke ervoor dat de handelingen die noodzakelijk zijn voor deze overstap worden verricht.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de termijn waarbinnen de nieuwe balanceringsverantwoordelijke de overstap realiseert.
-
Een balanceringsverantwoordelijke brengt de aangeslotene, marktdeelnemer of gebruiker voor de overstap geen kosten in rekening.
Artikel 2.46
-
Een aangeslotene beschikt op of nabij ieder overdrachtspunt over een geïnstalleerde meetinrichting die voldoet aan de krachtens het derde lid gestelde eisen, tenzij:
de aangeslotene beschikt over een onbemeten aansluiting die voldoet aan bij ministeriële regeling te stellen voorwaarden;
de aangeslotene een onderneming is als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, met een aansluiting op een gesloten systeem van de beheerder, bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet;
de aangeslotene behoort tot het bedrijf van de beheerder van een gesloten systeem en de beheerder van het gesloten systeem elektriciteit of gas aan deze aangeslotene levert.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over:
situaties waarin een aangeslotene tevens beschikt over een geïnstalleerde meetinrichting op een andere plaats dan op of nabij een overdrachtspunt, waarbij kan worden bepaald dat die andere plaats wordt aangemerkt als een additioneel allocatiepunt;
welke partij bij aangeslotenen met een kleine aansluiting in die situatie de meetinrichting installeert en beheert;
welke partij bij aangeslotenen met een kleine aansluiting in die situatie de meetgegevens verzamelt, valideert en vaststelt;
welke partij de invoeding, de onttrekking of het verbruik van elektriciteit of gas vaststelt bij een onbemeten aansluiting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en de wijze waarop deze partij die gegevens vaststelt.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de eisen en functionaliteiten waaraan een meetinrichting of een onderdeel van een meetinrichting ten minste moet voldoen. Deze regels kunnen in ieder geval verschillen:
voor verschillende categorieën aansluitingen;
voor verschillende categorieën aangeslotenen;
voor verschillende categorieën meetinrichtingen;
voor verschillende overdrachtspunten;
voor verschillende allocatiepunten;
naar plaats van de meetinrichting, al dan niet op of nabij een overdrachtspunt of additioneel allocatiepunt;
naar type activiteit;
naar functionaliteit;
naar hetgeen op grond van de artikelen 2.48, 2.54, 2.55, 3.57, 3.58, 3.59 en 3.60 gemeten moet worden.
Artikel 2.47
-
Een aangeslotene met een kleine aansluiting verleent de distributiesysteembeheerder de nodige medewerking aan de uitvoering van de taken, genoemd in de artikelen 3.51 en 3.53, tweede lid, tweede volzin.
-
Een aangeslotene met een grote aansluiting, niet zijnde een aangeslotene als bedoeld in het derde of vierde lid of een beheerder van een gesloten systeem voor gas, draagt er zorg voor dat op zijn aansluiting een meetverantwoordelijke partij actief is.
-
Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas onttrekt, verleent de transmissiesysteembeheerder voor gas de nodige medewerking aan de uitvoering van de taken, genoemd in artikel 3.54.
-
Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas invoedt of die een gasopslagbeheerder is, voert de meetactiviteiten uit overeenkomstig artikel 2.55.
Artikel 2.48
-
Een meetverantwoordelijke partij:
installeert en beheert op of nabij ieder overdrachtspunt een meetinrichting die voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, gestelde eisen;
indien van toepassing, installeert en beheert een meetinrichting op de bij de krachtens artikel 2.46, tweede lid, onderdeel a, vastgestelde plaatsen;
geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 4.8, zesde lid, gegevens van de door hem beheerde meetinrichtingen door;
verzamelt en valideert per geïnstalleerde meetinrichting meetgegevens en stelt deze vast.
-
Bij ministeriële regeling worden voor de verschillende soorten meetinrichtingen die krachtens artikel 2.46, derde lid, zijn toegestaan regels gesteld over:
het installeren en beheren van meetinrichtingen;
het soort meetgegevens dat wordt verzameld, gevalideerd of vastgesteld;
de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld;
de wijze waarop meetgegevens worden verzameld;
de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens;
de methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas;
de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens.
-
Een meetverantwoordelijke partij kan met een aangeslotene overeenkomen dat de aangeslotene de meetgegevens ten aanzien van de kwaliteit van het door hem ingevoede gas zelf verzamelt, valideert en vaststelt. In dat geval geeft de aangeslotene de meetgegevens overeenkomstig het eerste lid, onderdeel c, door.
Artikel 2.49
-
Een meetverantwoordelijke partij past een door Onze Minister goedgekeurd protocol voor een periodieke controle van meetinrichtingen toe op de bij of krachtens artikel 2.46, derde lid, en de bij of krachtens artikel 5 van de Metrologiewet gestelde eisen.
-
Bij ministeriële regeling kunnen eisen worden gesteld aan het protocol.
Artikel 2.50
-
Het is verboden zonder een erkenning als bedoeld in het vierde lid, bij aangeslotenen als bedoeld in artikel 2.47, tweede lid, meetinrichtingen te installeren en te beheren en daar te meten.
-
Een meetverantwoordelijke partij:
beschikt over de benodigde organisatorische en technische kwaliteiten alsmede voldoende deskundigheid voor een goede uitvoering van zijn verplichtingen; en
is redelijkerwijs in staat de verplichtingen als opgenomen in artikel 2.48, afdeling 4.1 en de artikelen 4.7 en 4.11 na te komen.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de vereisten, bedoeld in het tweede lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt verleent een meetverantwoordelijke partij op aanvraag een erkenning als de meetverantwoordelijke partij voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid.
-
De Autoriteit Consument en Markt kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een erkenning.
-
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
de voorwaarden waaraan een aanvraag moet voldoen;
de procedure voor de aanvraag van een erkenning;
de informatie die een meetverantwoordelijke partij na het verlenen van de erkenning al dan niet periodiek moet verstrekken.
Artikel 2.51
-
De Autoriteit Consument en Markt kan een erkenning als bedoeld in artikel 2.50, vierde lid, wijzigen of intrekken indien:
de houder van de erkenning niet langer voldoet aan één of meer verplichtingen, gesteld bij of krachtens de artikelen 2.48 of 2.50, tweede lid, onderdeel a, afdeling 4.1 en de artikelen 4.7 en 4.11;
de houder van de erkenning dit verzoekt;
de houder van de erkenning de in de erkenning opgenomen voorschriften of opgelegde beperkingen niet nakomt;
de houder van de erkenning bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste en volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
de houder van de erkenning om andere redenen niet langer in staat moet worden geacht de erkende activiteit of in de erkenning opgenomen voorschriften na te komen.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de tijdelijke voorzieningen en de procedure bij intrekking van de erkenning.
Artikel 2.52
-
Een meetverantwoordelijke partij rapporteert aan de Autoriteit Consument en Markt over de uitvoering van het bepaalde bij of krachtens artikel 2.48.
-
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de frequentie waarmee gerapporteerd wordt en de eisen waaraan een rapportage moet voldoen.
Artikel 2.53
-
Een erkenning als bedoeld in artikel 2.50, vierde lid, kan slechts worden overgedragen met toestemming van de Autoriteit Consument en Markt.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de voorwaarden voor en de procedure bij het overdragen van een erkenning als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 2.54
-
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt van een aangeslotene met een kleine aansluiting die beschikt over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld:
verzamelt en valideert meetgegevens en stelt deze vast ten behoeve van de aangeslotene;
geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 4.8, zesde lid, gegevens door.
-
De aangeslotene verleent medewerking aan de leverancier bij het verzamelen van meetgegevens.
-
Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke meetgegevens worden verzameld en worden voorts regels gesteld over:
de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld;
de wijze waarop meetgegevens worden verzameld;
de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens;
de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens.
Artikel 2.55
-
Een aangeslotene met een grote aansluiting op het transmissiesysteem voor gas die uitsluitend gas invoedt of die een gasopslagbeheerder is:
installeert en beheert op of nabij ieder overdrachtspunt een meetinrichting;
verzamelt en valideert meetgegevens en stelt deze per geïnstalleerde meetinrichting vast; en
geeft overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 4.8, vijfde lid, gegevens van de door hem beheerde meetinrichtingen door.
-
Bij ministeriële regeling worden ten aanzien van de verplichtingen, genoemd in het eerste lid regels gesteld over:
het installeren en beheren van meetinrichtingen;
het soort meetgegevens dat wordt verzameld, gevalideerd of vastgesteld;
de frequentie waarmee meetgegevens worden verzameld, gevalideerd of vastgesteld;
de wijze waarop meetgegevens worden verzameld;
de nauwkeurigheidseisen voor het verzamelen van meetgegevens;
de methoden voor het herleiden en berekenen van de hoeveelheid gas en de energie-inhoud van het gas;
de methoden voor het herleiden en berekenen ten behoeve van het valideren en vaststellen van meetgegevens.
Artikel 2.56
-
Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het voor een partij, uitgezonderd de distributiesysteembeheerder of meetverantwoordelijke partij, in bij die maatregel te bepalen situaties en op daarbij te bepalen plaatsen, verboden is zonder erkenning van de Autoriteit Consument en Markt meetinrichtingen als bedoeld in artikel 2.46, tweede lid, te installeren en te beheren en daar te meten.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen onderdelen van deze wet met betrekking tot een meetverantwoordelijke partij van overeenkomstige toepassing worden verklaard op de partij, bedoeld in het eerste lid, en kunnen ook overigens regels worden gesteld over de aanvraag, vereisten, wijziging, intrekking en overdracht van de erkenning, bedoeld in het eerste lid.
Artikel 2.57
-
Een garantie van oorsprong voor elektriciteit uit hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd uit hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen.
-
Een garantie van oorsprong voor elektriciteit geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd in een installatie voor hoogrenderende warmtekrachtkoppeling.
-
Een garantie van oorsprong voor gas uit hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid gas heeft geproduceerd uit hernieuwbare bronnen of met energie uit hernieuwbare bronnen.
-
Een garantie van oorsprong voor elektriciteit uit niet-hernieuwbare bronnen toont bij uitsluiting aan dat een producent de daarop aangegeven hoeveelheid elektriciteit heeft geproduceerd uit een andere energiebron dan hernieuwbare bronnen.
Artikel 2.58
-
Onze Minister is belast met het uitgeven, overdragen en innemen via een elektronisch systeem van garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57.
-
Onze Minister opent op aanvraag van een in Nederland gevestigde producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, handelaar in garanties van oorsprong of de Nederlandse emissieautoriteit, bedoeld in artikel 2.1 van de Wet milieubeheer, een rekening voor garanties van oorsprong. Bij deze aanvraag overlegt de producent het resultaat van de vaststelling, bedoeld in artikel 3.63.
-
Onze Minister boekt op aanvraag garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, op een daarbij aangegeven rekening voor garanties van oorsprong, indien een in Nederland gevestigde producent of, indien is voldaan aan de regels gesteld bij of krachtens het vierde lid, een marktdeelnemer die aggregeert, bij deze aanvraag de gegevens overlegt omtrent:
de gemeten hoeveelheid geproduceerde elektriciteit uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen, gas uit hernieuwbare bronnen; of
indien een producent van elektriciteit of gas gebruik maakt van omzetting van energie in een andere vorm van energie:
- 1°
de gemeten hoeveelheid geproduceerde elektriciteit of geproduceerd gas;
- 2°
de gemeten hoeveelheid energie uit hernieuwbare bronnen of uit andere bronnen die is gebruikt voor de opwekking van de hoeveelheid, bedoeld onder 1°; en
- 3°
het bewijs van afboeking of verzoek tot afboeking van garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, garanties van oorsprong voor thermische energie uit hernieuwbare bronnen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Warmtewet of garanties van oorsprong voor ander gas uit hernieuwbare bronnen als bedoeld in artikel 1 van de Wet implementatie EU-richtlijn hernieuwbare energie voor garanties van oorsprong van een Nederlandse rekening voor garanties van oorsprong voor de gemeten hoeveelheid onder 2°.
- 1°
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de situaties waarin en de voorwaarden waaronder Onze Minister garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, eerste lid, bijboekt op de rekening voor garanties van oorsprong van een marktdeelnemer die aggregeert ten behoeve van een actieve afnemer.
-
Onze Minister kan de taken, bedoeld in het eerst tot en met derde lid, mandateren aan een niet-ondergeschikte die onafhankelijk is van producenten, handelaren, marktdeelnemers die aggregeren en handelaren in garanties van oorsprong.
Artikel 2.59
Een leverancier zorgt ervoor dat als bewijs van levering van elektriciteit, of gas uit hernieuwbare bronnen, aan een in Nederland gevestigde eindafnemer binnen één maand na de levering een corresponderende hoeveelheid garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57 van een Nederlandse rekening voor garanties van oorsprong wordt afgeboekt.
Artikel 2.60
-
Garanties van oorsprong uitgegeven door een onafhankelijke instantie in een andere lidstaat van de Europese Unie, die naar aard en strekking overeenkomen met in Nederland uitgegeven garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57 worden daarmee gelijkgesteld.
-
Garanties van oorsprong uitgegeven door een onafhankelijke instantie in een derde land worden niet erkend, behalve indien de Europese Unie daarvoor een overeenkomst heeft afgesloten met het derde land en de energie rechtstreeks uit dat land wordt ingevoerd of uitgevoerd.
Artikel 2.61
-
Bij ministeriële regeling worden tarieven vastgesteld ter dekking van de kosten die worden gemaakt met betrekking tot de activiteiten, bedoeld in artikel 2.58.
-
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:
de informatie die een producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, handelaar in garanties van oorsprong, transmissie- of distributiesysteembeheerder, of de transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit op zee verstrekt aan Onze Minister;
de uitgifte en de geldigheidsduur van garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57;
de gegevens die worden vermeld op garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57;
de voorwaarden waaronder en de wijze waarop een producent, handelaar, leverancier, marktdeelnemer die aggregeert, eindafnemer, of handelaar in garanties van oorsprong, gebruik kunnen maken van de door hen verkregen garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57, of deze kunnen verhandelen;
de vaststelling, bedoeld in artikel 3.63;
het meten van de hoeveelheden, bedoeld in artikel 2.58, derde lid;
dat het verstrekken van de informatie, bedoeld in onderdeel a, uitsluitend langs elektronische weg kan geschieden.
-
De regels, bedoeld in het tweede lid, kunnen verschillen voor de verschillende soorten garanties van oorsprong als bedoeld in artikel 2.57.
Artikel 2.62
-
Het is een aangeslotene op het transmissie- of distributiesysteem van gas met ingang van 1 oktober 2022 verboden via een aansluiting die is verbonden met dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd in een gasjaar meer dan 100 miljoen m3(n) gas aan dat transmissie- of distributiesysteem te onttrekken.
-
Indien installaties die behoren tot eenzelfde onderneming of instelling, die onderling technische, organisatorische of functionele bindingen hebben en in elkaars onmiddellijke nabijheid zijn gelegen, van gas worden voorzien door middel van meer dan één aansluiting, is het met ingang van 1 oktober 2022 verboden via die gezamenlijke aansluitingen meer dan 100 miljoen m3(n) gas te onttrekken aan dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, indien een of meerdere van die aansluitingen na 20 juli 2020 zijn gerealiseerd.
-
Dit artikel vervalt met ingang van 1 oktober 2030 of op een bij koninklijk besluit eerder te bepalen tijdstip.
-
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een aangeslotene, zijnde een gasopslagbeheerder.
Artikel 2.63
-
Het is een aangeslotene op het transmissie- of distributiesysteem van gas die in de gasjaren 2016/2017, 2017/2018 en 2018/2019 in ten minste twee van die gasjaren meer dan 100 miljoen m3 (n) gas via diens aansluiting heeft onttrokken en die verbonden is met dat deel van het transmissie- of distributiesysteem voor gas waarmee laagcalorisch gas wordt getransporteerd, met ingang van 1 oktober 2022 verboden via die aansluiting gas aan dat deel van het transmissie- of distributiesysteem te onttrekken.
-
Deze aangeslotene meldt zo spoedig mogelijk na inwerkingtreding van dit artikel schriftelijk aan de transmissiesysteembeheerder voor gas dat zijn aansluiting omgeschakeld of buiten werking gesteld dient te worden en verstrekt hem alle gegevens die naar diens oordeel relevant zijn voor een voor de bedrijfsprocessen van de aangeslotene doelmatige en efficiënte planning van het omschakelen onderscheidenlijk buiten werking stellen van de betrokken aansluiting. De aangeslotene stuurt een afschrift van deze melding en de daarbij gevoegde gegevens aan Onze Minister.
-
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op een aangeslotene, zijnde een gasopslagbeheerder.
Artikel 2.64
-
De aangeslotene die ingevolge artikel 2.63, tweede lid, de transmissiesysteembeheerder voor gas heeft gemeld dat diens aansluiting buiten werking gesteld dient te worden, informeert de transmissiesysteembeheerder en Onze Minister over de planning van de buitenwerkingstelling, voorzien van een onderbouwing van de benodigde tijd voor de onderscheiden activiteiten die naar zijn oordeel noodzakelijk zijn om afgesloten te kunnen worden van het transmissie- of distributiesysteem voor gas en, voor zover aan de orde, over te kunnen stappen naar een alternatieve energiebron.
-
Indien de planning naar het oordeel van de aangeslotene als gevolg van gewijzigde omstandigheden aanpassing behoeft, informeert de eindafnemer de transmissiesysteembeheerder voor gas en Onze Minister zo spoedig mogelijk over de aangepaste planning. De aangepaste planning wordt voorzien van een onderbouwing van elke afwijking ten opzichte van de eerder ingediende planning.
Artikel 2.65
-
Onze Minister kan een aangeslotene op diens verzoek ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, gedurende een in de ontheffing te bepalen periode, voor zover verlenging noodzakelijk is vanwege omstandigheden die niet zijn toe te rekenen aan de aangeslotene of redelijkerwijs niet door hem hadden kunnen worden voorzien of voorkomen.
-
Onze Minister kan een aangeslotene die op grond van artikel 2.63, tweede lid, heeft gemeld dat diens aansluiting afgesloten dient te worden, op diens verzoek ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2.63, eerste lid, gedurende een in de ontheffing te bepalen periode, voor zover verlenging voor die periode noodzakelijk is om tot een stabiel verbruik van energie uit een andere bron dan gas afkomstig uit het transmissie- of distributiesysteem voor gas te komen.
-
Indien een ontheffing als bedoeld in het eerste of tweede lid is verleend, is artikel 2.62, eerste lid, niet van toepassing op de betreffende aangeslotene voor de duur van die ontheffing.
-
Onze Minister kan een aangeslotene een ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in artikel 2.62, eerste lid, voor zover dit gelet op de leveringszekerheid van gas, warmte of elektriciteit nodig is.
-
Aan een ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden, die mede betrekking kunnen hebben op de maximale toegestane hoeveelheid laagcalorisch gas die per gasjaar of gedurende de periode waarvoor de ontheffing is verleend door de afnemer aan het transmissie- of distributiesysteem voor gas mag worden onttrokken.
-
Het is verboden in strijd te handelen met aan een ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen.
-
Onze Minister kan een ontheffing intrekken indien:
niet langer wordt voldaan aan de gronden voor verlening van een ontheffing;
degene aan wie de ontheffing is verleend in strijd handelt met een aan de ontheffing verbonden voorschrift of beperking;
onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking zou hebben geleid.
-
Onze Minister stuurt een afschrift van een op grond van dit artikel genomen besluit tot verlening of intrekking van een ontheffing aan de Autoriteit Consument en Markt en aan de transmissiesysteembeheerder voor gas.
Artikel 2.66
-
Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1227/2011.
-
Overtreding van het eerste lid is een misdrijf.
Artikel 2.67
Het is een natuurlijk persoon of rechtspersoon, niet zijnde een systeembeheerder, verboden wettelijke taken of verplichtingen uit te voeren, met uitzondering van:
werkzaamheden die een systeembeheerder aan die natuurlijk persoon of rechtspersoon uitbesteedt;
de aanleg of verwijdering van een leiding en daarmee verbonden hulpmiddelen, bedoeld in artikel 3.39;
werkzaamheden die verband houden met tijdelijke taken.
Artikel 2.68
-
Een huishoudelijk eindafnemer en een micro-onderneming hebben recht op kosteloze toegang tot ten minste één onafhankelijk vergelijkingsinstrument dat de gehele energiemarkt bestrijkt of meerdere vergelijkingsinstrumenten die in voldoende mate de markt bestrijken, waarmee ze het aanbod van leveranciers, met uitzondering van het aanbod om ten behoeve van eindafnemers te faciliteren in peer-to-peer-handel, kunnen vergelijken.
-
Het vergelijkingsinstrument als bedoeld in het eerste lid, voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nader te stellen regels.
-
Een vergelijkingsinstrument dat voldoet aan de eisen, bedoeld in het tweede lid, wordt op verzoek van de aanbieder van het vergelijkingsinstrument gecertificeerd door de Autoriteit Consument en Markt.
-
Indien naar het oordeel van Onze Minister de toegang, bedoeld in het eerste lid, niet door het normale functioneren van de markt wordt of zal kunnen worden gegarandeerd, kan Onze Minister een partij aanwijzen die een vergelijkingsinstrument voor ten hoogste tien jaar verzorgt.
-
Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
de procedure voor de aanvraag van de certificering, bedoeld in het derde lid;
de aanwijzing, bedoeld in het vierde lid, welke regels onder meer betrekking hebben op:
- 1°
de voor de aanwijzing te volgen procedure;
- 2°
voorschriften en beperkingen die aan de aanwijzing worden verbonden;
- 3°
taken die aan de Autoriteit Consument en Markt worden opgedragen en bevoegdheden die aan de Autoriteit Consument en Markt worden verleend in het geval een aanwijzing is gegeven.
- 1°
-
Als niet langer voldaan wordt aan de voorschriften, bedoeld in het tweede lid, dan wel de voorschriften en beperkingen, bedoeld in het vijfde lid, onderdeel b, kan de Autoriteit Consument en Markt de certificering onderscheidenlijk Onze Minister de aanwijzing intrekken.