1. Onze Minister legt een ontwerp van een Nationaal plan energiesysteem aan eenieder ter consultatie voor.

  2. Onze Minister stelt het Nationaal plan energiesysteem vast in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad.

  3. Onze Minister zendt het Nationaal plan energiesysteem aan de beide kamers der Staten-Generaal.

  4. Onze Minister zendt ten aanzien van de beleidsontwikkeling ter uitvoering van het Nationaal plan energiesysteem jaarlijks uiterlijk op 1 november aan beide kamers der Staten-Generaal een energienota, met een beschrijving van in ieder geval:

    1. de voortgang van de realisatie van het energiebeleid;

    2. de gevolgen voor de rijksbegroting van het energiebeleid;

    3. de gevolgen voor huishoudens, ondernemingen en overheden van significante ontwikkelingen in het energiebeleid.