1. De artikelen 3.10, 3.24, 3.25, eerste lid, 3.75, onderdeel b, 3.76, 3.77 en 3.78 zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder», «transmissiesysteembeheerder» of «distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorbeheerder».

  2. De artikelen 3.13 en 3.14, vierde en zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor elektriciteit».

  3. De artikelen 3.16, 3.47, eerste lid, en 3.81 zijn van overeenkomstige toepassing op een interconnectorsysteembeheerder voor gas, met dien verstande dat voor «transmissie- of distributiesysteembeheerder» telkens wordt gelezen «interconnectorsysteembeheerder voor gas».