1. Als directe lijn wordt aangemerkt één of meer leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen ten behoeve van het transport van elektriciteit of gas:

    1. die niet verbonden is met een systeem van elektriciteit of gas of met een andere leiding voor het transport en die een geïsoleerde productie-installatie van een producent rechtstreeks verbindt met een geïsoleerde eindafnemer; of

    2. die ten hoogste via de installatie van één aangeslotene op de leidingen is verbonden met een systeem van elektriciteit of gas of met een andere leiding voor het transport en die een productie-installatie voor elektriciteit of gas, met tussenkomst van een leverancier, rechtstreeks verbindt met één of meer eindafnemers, waarbij dit voor een huishoudelijk eindafnemer enkel is toegestaan indien deze werkzaam is bij of vergelijkbare betrekkingen heeft met de eigenaar van de directe lijn.

  2. Een eigenaar van een directe lijn meldt:

    1. de directe lijn zo spoedig mogelijk na ingebruikname aan de Autoriteit Consument en Markt;

    2. een significante wijziging ten opzichte van een eerdere melding zo spoedig mogelijk na doorvoering van de betreffende wijziging aan de Autoriteit Consument en Markt.

  3. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld over de inhoud van de meldingen.