De transmissiesysteembeheerder voor gas zet, ten behoeve van aangeslotenen, netgebruikers, marktdeelnemers en balanceringsverantwoordelijken, indien noodzakelijk, gelet op het verschil tussen de kwaliteit van het zich in het transmissiesysteem bevindende gas en het aan het transmissiesysteem te onttrekken gas:

  1. gas met een hogere energie-inhoud administratief of fysiek om naar een lagere energie-inhoud;

  2. gas met een lagere energie-inhoud administratief om naar een hogere energie-inhoud, voor zover er gas met een hogere energie-inhoud voor omzetting beschikbaar is;

tenzij dit redelijkerwijs niet van een transmissiesysteembeheerder voor gas kan worden gevergd.