Een distributiesysteembeheerder verzamelt, valideert en stelt de meetgegevens vast van aangeslotenen met een kleine aansluiting voor elektriciteit of gas, die bij het overdrachtspunt beschikken over een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit niet wordt gebruikt:
bij de vervanging van een meetinrichting;
bij een aanpassing van een aansluiting;
bij een aanpassing van een meetinrichting;
bij aanwijzingen van onbetrouwbaarheid of onvolledigheid van meetgegevens, volgens bij ministeriële regeling te bepalen criteria.