1. Een eindafnemer van elektriciteit of actieve afnemer die op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst sluit inzake levering, teruglevering of facilitering in peer-to-peer-handel, draagt er zorg voor dat:

    1. hij op of nabij het overdrachtspunt van zijn aansluiting beschikt over een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit wordt gebruikt;

    2. overeenkomstig artikel 3.44, derde lid, aan zijn aansluiting voldoende additionele allocatiepunten zijn toegekend, opdat elke gecontracteerde marktdeelnemer actief kan zijn op een eigen allocatiepunt; en

    3. de afname of invoeding ten behoeve van elke gecontracteerde marktdeelnemer kan worden vastgesteld op basis van meetgegevens die tot stand komen met behulp van meetinrichtingen die voldoen aan het bepaalde krachtens artikel 2.46, derde lid.

  2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de voorwaarden waaronder een eindafnemer of actieve afnemer op zijn aansluiting met meer dan één marktdeelnemer een overeenkomst kan sluiten.

  3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, het verbruik kan worden toegerekend op basis van afspraken tussen marktdeelnemers, indien deze afspraken voldoen aan de bij die maatregel vast te stellen voorwaarden.