Burgerlijk Wetboek Boek 6

Inhoud
Boek 6 Algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht
Titel 1 Verbintenissen in het algemeen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
Afdeling 2 Pluraliteit van schuldenaren en hoofdelijke verbondenheid
Afdeling 3 Pluraliteit van schuldeisers
Afdeling 4 Alternatieve verbintenissen
Afdeling 5 Voorwaardelijke verbintenissen
Afdeling 6 Nakoming van verbintenissen
Afdeling 7 Opschortingsrechten
Afdeling 8 Schuldeisersverzuim
Afdeling 9 De gevolgen van het niet nakomen van een verbintenis
Afdeling 10 Wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding
Afdeling 11 Verbintenissen tot betaling van een geldsom
Afdeling 12 Verrekening
Titel 2 Overgang van vorderingen en schulden en afstand van vorderingen
Titel 3 Onrechtmatige daad
Titel 4 Verbintenissen uit andere bron dan onrechtmatige daad of overeenkomst
Titel 5 Overeenkomsten in het algemeen
Afdeling 1 Algemene bepalingen
Afdeling 2 Het tot stand komen van overeenkomsten
Afdeling 2a Informatie over dienstverrichters en hun diensten naar aanleiding van de dienstenrichtlijn
Afdeling 2ab Toegankelijkheidsvoorschriften voor dienstverleners en hun e-handelsdiensten naar aanleiding van de toegankelijkheidsrichtlijn
Afdeling 2b Bepalingen voor overeenkomsten tussen handelaren en consumenten
Paragraaf 1 – Algemene bepalingen
Paragraaf 2 – Bepalingen voor overeenkomsten anders dan op afstand of buiten de verkoopruimte
Paragraaf 3 – Bepalingen voor overeenkomsten op afstand en overeenkomsten buiten de verkoopruimte
Paragraaf 4 – Aanvullende bepalingen voor overeenkomsten buiten de verkoopruimte
Paragraaf 5 – Aanvullende bepalingen voor overeenkomsten op afstand
Paragraaf 6 – Specifieke bepalingen voor overeenkomsten op afstand en buiten de verkoopruimte inzake financiële producten en financiële diensten
Afdeling 3 Algemene voorwaarden
Afdeling 4 Rechtsgevolgen van overeenkomsten
Afdeling 5 Wederkerige overeenkomsten

Artikel 19

HISTORISCH
  1. Wanneer de keuze aan een der partijen toekomt, gaat de bevoegdheid om te kiezen op de andere partij over, indien deze haar wederpartij een redelijke termijn heeft gesteld tot bepaling van haar keuze en deze daarbinnen haar keuze niet heeft uitgebracht.

  2. De bevoegdheid om te kiezen gaat echter niet over op de schuldeiser voordat deze het recht heeft om nakoming te vorderen, noch op de schuldenaar voordat deze het recht heeft om te voldoen.

  3. Indien op de vordering een pandrecht of een beslag rust en de aangevangen executie bij gebreke van een keuze niet kan worden voortgezet, kan de pandhouder of de beslaglegger aan beide partijen een redelijke termijn stellen om overeenkomstig hun onderlinge rechtsverhouding een keuze uit te brengen. Indien de keuze niet binnen deze termijn geschiedt, gaat de bevoegdheid tot kiezen op de pandhouder of beslaglegger over. Zij zijn gehouden niet nodeloos van deze bevoegdheid gebruik te maken.

25-06-2026 Huidig 01-07-2025 Historisch 28-06-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2023 Historisch 25-06-2023 Historisch 01-05-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 28-05-2022 Historisch 01-05-2022 Historisch 27-04-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2020 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. Wanneer de keuze aan een der partijen toekomt, gaat de bevoegdheid om te kiezen op de andere partij over, indien deze haar wederpartij een redelijke termijn heeft gesteld tot bepaling van haar keuze en deze daarbinnen haar keuze niet heeft uitgebracht.

  2. De bevoegdheid om te kiezen gaat echter niet over op de schuldeiser voordat deze het recht heeft om nakoming te vorderen, noch op de schuldenaar voordat deze het recht heeft om te voldoen.

  3. Indien op de vordering een pandrecht of een beslag rust en de aangevangen executie bij gebreke van een keuze niet kan worden voortgezet, kan de pandhouder of de beslaglegger aan beide partijen een redelijke termijn stellen om overeenkomstig hun onderlinge rechtsverhouding een keuze uit te brengen. Indien de keuze niet binnen deze termijn geschiedt, gaat de bevoegdheid tot kiezen op de pandhouder of beslaglegger over. Zij zijn gehouden niet nodeloos van deze bevoegdheid gebruik te maken.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Burgerlijk Wetboek Boek 6