De met verkeersregeling belaste ambtenaren van politie die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, en de buitengewone opsporingsambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat, kunnen ten behoeve van verkeerscontroles en, indien in onvoorziene omstandigheden de afwikkeling van het verkeer zulks noodzakelijk maakt, voor ten hoogste drie uren verkeerstekens plaatsen en maatregelen uitvoeren zonder dat kennisgeving aan het bevoegd gezag behoeft te geschieden. Geschiedt de plaatsing of maatregel voor langere tijd, dan is artikel 36 van overeenkomstige toepassing.
Inhoud
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Hoofdstuk II Verkeerstekens en maatregelen ter regeling van het verkeer
Hoofdstuk IIA Bewegwijzering
Hoofdstuk IIb Verkeersonderzoeken en spitsmijdenprojecten
Hoofdstuk III Vaststelling bebouwde kom
Hoofdstuk IV Gehandicaptenparkeerkaart
Hoofdstuk V Verkeersregelaars en verkeersbrigadiers
Hoofdstuk VI Strafbepaling
Hoofdstuk VII Bepalingen inzake experimenten
Hoofdstuk VIII Inwerkingtreding
Hoofdstuk IX Citeertitel
Artikel 38 (Tijdelijke wegafzetting/verkeersmaatregelen)
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.