1. Het dwangbevel vermeldt in ieder geval:

    1. aan het hoofd het woord «dwangbevel»;

    2. het bedrag van de invorderbare hoofdsom;

    3. de beschikking of het wettelijk voorschrift waaruit de geldschuld voortvloeit;

    4. de kosten van het dwangbevel, en

    5. dat het op kosten van de schuldenaar ten uitvoer kan worden gelegd.

  2. Het dwangbevel vermeldt, indien van toepassing:

    1. het bedrag van de aanmaningsvergoeding, en

    2. de ingangsdatum van de wettelijke rente.